Jos van Rey.

Vier jaar geleden las ik het bericht dat de strafvervolging tegen de Roermondse politicus Van Rey na drie jaar voorbereiding definitief zou worden voortgezet. Als het bericht  juist en volledig was, dan wordt hij vervolgd voor politieke corruptie. Ik citeer:

Van Rey wordt ervan beschuldigd dat hij smeergeld heeft aangenomen van zijn vriend Piet van Pol. Verder zou hij stemmen hebben geronseld voor verkiezingen en zijn partijgenoot Ricardo Offermans vertrouwelijke informatie hebben verstrekt om hem te helpen bij zijn sollicitatie naar het burgemeesterschap van Roermond.

De beschuldiging over het witwassen is nieuw. Een woordvoerder van het OM wilde die vrijdag niet verder toelichten.

Voormalig VVD-wethouder Tilman Schreurs zou uitstapjes naar wedstrijden van het Nederlands voetbalelftal hebben laten betalen door Van Pol.

De Volkskrant[1] suggereerde dat het aanvaarden van (de betaling voor) gemeenschappelijke reizen met Van Pol als witwassen is geconstrueerd. Maar zoiets zal het O.M., denk ik, niet vlug doen, al  presenteert de hele affaire Van Rey zich als een opeenstapeling van misslagen van  de zijde van de vervolging. Er is weinig wat ons in de zaak van Rey nog kan verbazen.

Bij Van Rey thuis zijn volmacht formulieren gevonden waarmee, zoals bekend, politieke partijen bij verkiezingen bejaarden tehuizen afstropen om mensen die zwak ter been, ziek en misselijk zijn een handje te helpen bij het uitbrengen van hun stem. Vooral de PvdA heeft een grote reputatie op dit vlak en meer in het bijzonder de allochtone leden van de partij die andere allochtonen op deze manier van dienst proberen te zijn. Het mag niet en zeker niet georganiseerd, zoals hier het geval lijkt te zijn, maar dat een politicus er strafrechtelijk voor wordt vervolgd, is een novum.

Het verstrekken van wat tips voor zijn sollicitatie aan Offermans in een telefoongesprek van nog geen minuut hoort natuurlijk ook niet, maar het kan moeilijk worden gezien als een vorm van corruptie. Van Rey had er geen voordeel van, Offermans eigenlijk ook niet en als er een ding dagelijks gebeurd in het politieke wereldje en zeker in Limburg dan is het dat politici elkaar een ‘kontje’ geven.

Ook het feit dat Van Pol reclamemateriaal betaalde voor de Roermondse VVD kan moeilijk als omkopen van Van Rey worden gezien. Dan zou toch een verband moeten worden aangetoond tussen deze reclamekosten en specifieke politieke gunsten van Van Rey aan Van Pol. Als iedere vorm van financiële steun uit het bedrijfsleven aan de politiek verboden zou zijn en Van Rey had tegen de zin van de partij doorgezet dat Van Pol deze reclame voor zijn rekening nam, zou men kunnen gaan denken aan een persoonlijke vervolging maar daar was toen het OM aan deze zaak begon geen sprake  van en voor zover ik weet nog steeds niet.

Van Rey heeft als wethouder erg veel gedaan aan de bevordering van de economische activiteit van de regio en met name van Roermond zelf. Van Pol is lokaal de grootste aannemer  en uit niets is zover gebleken dat hij de voorkeur heeft gekregen bij de aanbesteding van werken bij de overheid  terwijl andere aannemers dat goedkoper en/of beter zouden hebben gedaan. In het algemeen is men juist erg tevreden over de voortvarendheid waarmee Van Rey en de door hem ingeschakelde ondernemers te werk zijn gegaan.

Als er ergens van bevoordeling van Van Rey sprake zou kunnen zijn geweest dan moet U kijken naar projecten waar hij zelf aan mee gedaan heeft, op het eerste gezicht ook  risico heeft gelopen en die met winst zijn afgesloten. Met een bekwame boekhouder en een weinig  scrupuleuze advocaat of notaris is het mogelijk om langs deze weg iemand onrechtmatig te bevoordelen, vooral door het antidateren van documenten, maar U mag er van uit gaan dat als dat hier het geval was geweest dat in de loop van de laatste drie jaar wel door het O.M. gelekt zou zijn.

Wat er hier gebeurt laat zich aanzien als een streek van politieke tegenstanders van Van Rey en een OM dat zich voor een karretje heeft laten spannen. Men is aan deze zaak begonnen op basis van geruchten en zonder dat er voldoende aanwijzingen waren voor gepleegde strafbare feiten, in de stellige verwachting dat die onderweg wel gevonden zouden worden. Dat is iets wat ons strafrecht verbiedt . Het wetboek van strafvordering luidt op dit punt

Artikel 27

Lid 1: Als verdachte wordt vóórdat de vervolging is aangevangen, aangemerkt degene te wiens aanzien uit feiten of omstandigheden een redelijk vermoeden van schuld aan enig strafbaar feit voortvloeit.

Dat was evident hier niet het geval, ook  al interpreteert de rechtspraak deze verbodsbepaling in het algemeen restrictief.  Je mag, met andere woorden al vrij vlug aannemen dat zulke feiten of omstandigheden er zijn. Maar juist in dit geval, waar de reputatie en de carrière van een belangrijke lokale politicus op het spel stond is het onvergeeflijk als een officier afgaat op de roddels van iemand ’s politieke vijanden.

 Met het besluit om Wilders voor de tweede keer te gaan vervolgen nog vers in het geheugen, zou de politiek er goed aan doen om eens  grote schoonmaak te gaan houden bij het Nederlandse openbaar ministerie. Als symbool voor een gewenste grondige schoonmaakbeurt zou het ontslag kunnen gelden van de onlangs voor een tweede termijn benoemde Bolhaar, als voorzitter van het college van P.G.’s.

Strafrecht dient om boosaardig handelen of nalaten die een schending vormen van belangrijke normen in de samenleving te bestraffen en daardoor deze normen levend te houden. Voor kleinigheden geeft de praetor geen acties en dat is precies wat hier gebeurd lijkt zijn. Politieke piccadillo’s zijn opgepompt tot een zaak, van nationaal niveau en daar hoort een officier niet aan mee te werken

Als officieren zo hun boekje te buiten gaan en gedragingen van politici om politieke redenen gaan vervolgen, dan zagen ze aan de poten van onze rechtsstaat.

[1] 25/10/14

Over akasdorp

gepensioneerd advocaat
Dit bericht werd geplaatst in Geen categorie. Bookmark de permalink .