Het verdwenen dialect.

Een of twee keer per jaar kom ik nog wel eens in mijn geboorteplaats Roermond en wat me iedere keer opvalt is hoe sterk het daar veranderd is. Toen ik daar nog woonde in de veertiger en vijftiger jaren gold het gezin waaruit ik kwam als ‘Hollands’. Ik had één tante die met een echte Limburger getrouwd was en haar kinderen zijn de enigen van de familie die nog in Roermond en omstreken wonen en zich ook als Limburgers gedragen. Maar dat zijn intussen zeventigers  en van de jongere generatie spreekt daar niemand meer dialect en ook in andere opzichten zijn ze helemaal verhollandst. Van ons gezin was ik indertijd  de enige die Limburgs kon spreken (kallen heette dat toen nog), omdat ik veel op straat speelde en dan moest je wel. Maar aan mijn oudste zus, die geen woord Limburgs sprak, kun je nog steeds goed horen dat ze uit Limburg komt en aan mij ook, zoals ik merk als ik mijn eigen stem terug hoor op een bandje.

Aan de kleinkinderen van mijn Limburgse neven en nichten hoor je het niet meer. Die spreken het soort Nederlands van Toine Huys, waaraan ik nog wel kan horen dat hij uit Meterik komt of uit die buurt, maar van wie de gemiddelde Nederlander dat niet meer hoort. Het zou bij wijze van spreken ook de IJsselmeer polders kunnen zijn.

Dat zoiets zo snel kan gaan heeft toch wel wat wonderlijks, vind ik en het wijst erop dat mensen tegenwoordig hun taal meer van de TV oppikken dan van de stad en de streek waar ze geboren zijn.

Over akasdorp

gepensioneerd advocaat
Dit bericht werd geplaatst in Geen categorie, geschiedenis, maatschappelijk, Nederland. Bookmark de permalink .