Terreurbestrijding.

Geert Jan Knoops, een strafadvocaat die kantoor houdt op het Concertgebouwplein in Amsterdam, beschouwt de terreuraanslagen die met enige regelmaat in en vanuit moslimlanden plaats vinden niet als gewapende conflicten. Hij zag ook de oorlog die de Taliban vanuit Pakistan voerde met behulp van delen van het Pakistaanse leger en de Pakistaanse geheime dienst niet als een gewapend conflict. Hij bestempelde het Amerikaanse verweer tegen deze aanslagen en tegen de oorlogvoering vanuit Pakistan als ‘buitengerechtelijke executies’.
Ik weet niet hoe hij over de Israëlische reacties in de Gaza strook denkt, want de man is geloof ik zelf joods, maar die zouden op dezelfde manier als buitengerechtelijke executies kunnen worden gekwalificeerd. Dat dit soort reacties in toenemende mate met drones plaats vinden in plaats met vliegtuigbommen of artilleriegeschut beperkt het aantal onbedoelde burgerdoden dat erbij valt. Het sluit aan de andere kant ook niet helemaal uit dat er mensen bij om het leven komen die aan de terreuraanslagen part noch deel hebben gehad.
President Obama was zich van de risico’s bewust en heeft dus verordonneerd dat drones niet mochten worden ingezet zonder zijn expliciete toestemming. Ook hij zag dus wel dat het gebruik van drones het paradoxale gevolg heeft dat de beperking van het verlies aan mensen levens gepaard gaat aan een vorm van individualisering van het geweld, waardoor ‘oorlogsdaden’ steeds meer gaan lijken op civiele moordaanslagen.
Dat laatste is schijn, maar niet iedereen is in staat door die schijn heen te kijken. Vanuit publicitair oogpunt zijn de drones geen vooruitgang. Toch is gebruik van de term ‘buitengerechtelijke executies’ alleen terecht voor zover het gaat om aanvallen buiten het kader van een gewapend conflict.
Als Amerika Al Qaeda leiders die in Londen wonen ging uitschakelen met drones en het vast zou staan dat tussen de VS en Groot Brittannië geen gewapend conflict bestond, dan zou Knoops een punt hebben. Zoiets zie ik daarom ook niet zo vlug gebeuren. Maar Somalië en Jemen zijn geen Groot Brittannië of Nederland. Het zijn failed states en hetzelfde geldt voor de Gazastrook en voor delen van Pakistan. De terroristen hebben in die landen vrij spel en het internationale recht erkent dat staten zich zelf en hun bondgenoten mogen verdedigen met proportioneel geweld tegen aanvallen tegen hun grondgebied en hun burgers.
De juridische vraag die in dit geval gesteld moet worden is daarom of terroristische aanvallen die georganiseerd worden door buitenstatelijke organisaties als een gewapend conflict kunnen worden aangemerkt.
Het internationale recht loopt op dit terrein achter. Verwacht men dat dit ontbrekende deel van het recht door de Verenigde Naties zal worden aangevuld, dan wordt men waarschijnlijk teleurgesteld. Teveel leden van die organisatie sympathiseren met het gebruik van geweld voor zover dat wordt aangewend tegen de VS en haar bondgenoten. Het Atlantische bondgenootschap moet daarom terugvallen op dat ongeschreven internationale recht dat mensen toestaat zich te verdedigen als zij met gewelddadige middelen worden aangevallen.
Dat neemt niet weg dat het in het belang van de rule of law zou zijn als er naast het bestaande oorlogsrecht een nieuw soort terreurrecht zou komen. Daarin zouden de grenzen moeten worden afgepaald wat onder terreuromstandigheden wel en niet geoorloofd is. Koops heeft in zoverre gelijk dat wanneer men zich zelf geen grenzen stelt bij het bestrijden van terreur ook de normen die gelden in het oorlogsrecht onder druk zullen komen te staan. Niet alle regeringsleiders zijn zo voorzichtig als Obama of juridisch zo goed geschoold.
Dat dit terreurrecht niet door de VN zal worden geformuleerd is in de ogen van veel Nederlandse volkenrechtskundigen een gebrek, maar een half ei is beter dan een lege dop. Terreurrecht ontworpen door de westerse mogendheden zal, als ze zich daar zelf aan houden, toch een vooruitgang betekenen.
Het stuk dat Koops over dit onderwerp publiceerde deed aan het probleem en met name ook aan president Obama geen recht. Misschien dat men nog eens een andere deskundige in het internationale recht zou kunnen vragen zich hierin te verdiepen. Het onderwerp verdient dat zeker.

Over akasdorp

gepensioneerd advocaat
Dit bericht werd geplaatst in Geen categorie en getagged met . Maak dit favoriet permalink.