Toekomstige relaties met Rusland.

Het is onverstandig om in internationale politiek te denken in termen van partners en tegenstanders, zeker op de langere termijn. Zoiets kan wel binnen vaste bondgenootschappen zoals de NATO, maar daar ook alleen omdat de bondgenoten een systeem van normen en waarden gemeen hebben en de gemeenschappelijke belangen duidelijk en permanent zijn.
Dat was de reden waarom we Turkije niet langer als lid van die organisatie hadden moeten handhaven, toen de moslimpartij van Erdogan daar de macht in handen kreeg. Dat is ook de reden dat we dat land zeker niet in de EU zouden moeten opnemen.
Poetin en zijn regime hebben heel ander normen en waarden dan de Turken, maar ze hebben met elkaar gemeen dat het niet de waarden zijn van het Atlantisch bondgenootschap.
Dat wil niet zeggen dat we niet met Rusland zouden kunnen samenwerken in specifieke projecten. Maar dan moet duidelijk zijn welke zwaar wegende belangen we in zo’n geval gemeen hebben en dan nog moeten we voortduren blijven opletten of die belangen niet verder uiteen gaan lopen. We zouden bijvoorbeeld met Rusland kunnen samenwerken om Assad te helpen de burgeroorlog in Syrië te winnen, zodat de vluchtelingen terug naar huis kunnen. Ook om samen met Assad en de Russen het soennitische extremisme aan te pakken, niet alleen in Syrië en Irak maar ook in de Kaukasus. Dat is een duidelijk gemeenschappelijk belang.
In het oosten van de Oekraïne heeft Rusland een belang maar dat hebben wij daar niet. Tussen het oosten en het westen van de Oekraïne bestaat niet alleen een taalverschil maar ook een verschil in godsdienst en in normen en waarden. Het westen is, kort samengevat, meer Pools of westers georiënteerd en het oosten meer Russisch.
Natuurlijk heeft Rusland er belang bij dat Oekraïne niet westers wordt en dat belang was helemaal erg groot toen de Krim nog tot de Oekraïne hoorde. Daar ligt hun belangrijkste vlootbasis Sebastopol en bovendien is de bevolking er Russisch voor zover het geen Krim Tartaren zijn.
Toen de Russisch georiënteerde president Viktor Janoekovitsj uit Kiev werd weggejaagd greep Rusland in en bezette de Krim. De oostelijke provincies kwamen in opstand en met hulp van de Russen hebben die nu min of meer een onafhankelijke status bereikt.
Of dat in overeenstemming is met de normen en waarheden van West Europa is niet relevant. Die gelden in Rusland niet en dus ook niet in gebieden van de voormalige Sovjet Unie waar de Russische taal en cultuur dominant zijn. Wat relevant had kunnen zijn was een militaire macht van de NATO die lokaal tegen die van Rusland opgewassen was.
Rusland heeft, anders dan Obbema in de Volkskrant[1] beweerde, de veiligheid in Europa niet op het spel gezet. Hij wist dat de NATO niet in staat was om in te grijpen, los dan van de mogelijkheid van een wereldoorlog, maar hij wist ook dat daar geen sprake van zou zijn. Dat risico viel dus wel mee. Ook lijkt het heel verkeerd om vanaf nu Rusland als een vijand van Europa te zien. We kunnen zeker met dat land zaken blijven doen, maar we zijn nu wel gewaarschuwd dat Rusland geen bondgenoot is waarop we vertrouwen kunnen. Zolang de belangen parallel lopen kunnen we zaken doen maar we doen er goed aan nooit van ze afhankelijk te worden.
Of we de economische sancties handhaven, die nu net van kracht zijn, is dus geen kwestie van een straf waardoor we Rusland betere mores zouden kunnen bijbrengen. We moeten dat alleen doen als we daar onze machtspositie tegenover Rusland mee kunnen verbeteren en bijvoorbeeld soortgelijke acties als in de Oekraïne in de Baltische staten kunnen voorkomen, waar ook Russische minderheden leven.
En het zou waarschijnlijk goed zijn als de militaire uitgaven binnen de NATO op 4% van het nationaal inkomen zouden worden gebracht. Dat is dus dubbel de norm die nu geldt en waar Nederland bovendien nog op geen stukken na aan voldoet.
[1] 18/9/14

Over akasdorp

gepensioneerd advocaat
Dit bericht werd geplaatst in Rusland. Bookmark de permalink .