Langemeijer en Dooijeweerd

Op de UvA hadden we in de zestiger jaren een privatissimum rechtsfilosofie voor de wetenschappelijke staf, dat gegeven werd door Gerard Langemeijer, die behalve filosoof ook strafrechtgeleerde was en PG bij de Hoge Raad.
Langemeijer was al zijn titels en onderscheidingen meer dan waard, hij hoorde tot de top drie of vier juristen van zijn generatie en was daarnaast een hoffelijk en aimabel mens. Het format van zijn privatissimum was om een paar keer per jaar een rechtsfilosoof die hij respecteerde uit te nodigen en voorafgaand een paar bijeenkomsten te besteden aan de voorbereiding plus een of twee aan een discussie achteraf. Wie er uitgenodigd werd mocht door de staf worden voorgesteld, maar het gebeurde eigenlijk nooit dat Langemeijer zijn gast niet kende. En niet alleen kende, hij had met hem gestudeerd, bij hem in de straat gewoond of in militaire dienst gezeten. Toen iemand voorstelde om Duco van Weerlee te laten komen, de schrijver van een toen bekend provoboekje met in onze ogen ook wel rechtsfilosofische implicaties, vond hij het geen bezwaar de betrokken langharige jongeman uit te nodigen. Hij knipperde niet met de ogen en zei dat dit wel geen probleem zou zijn, hij kende de heer Van Weerlee persoonlijk, want die vree met een van zijn dochters.
Langemeijer was het zelden met een van de gasten eens maar dat vond hij ook het leuke ervan. Met iemand discussiëren die hij de moeite waard vond om van mening mee te verschillen, dat was een van zijn grotere genoegens. Waar hij in een opponent iets kon bewonderen, deed hij dat met grote royaliteit.
Herman Dooijeweerd, waar hij qua geesteswereld ver vanaf stond hield hij voor een van de grootste filosofen die Nederland had voortgebracht en van zijn geschriften prees hij vooral diens grote werk Wijsbegeerte der Wetsidee.
Wie overigens wel een liefhebber is van de rechtsfilosofie maar de Wijsbegeerte der Wetsidee van Dooijeweerd toch een wat te zware kluif vindt of het nergens meer kopen kan, die zou de Modale Structuur van het Juridisch Oorzakelijkheidsverband eens kunnen lezen. Dat is een mededeling van de KNAW en telt maar 48 bladzijden, maar Dooijeweerd’s belangrijkste gedachten zijn er op een overzichtelijke manier in verwerkt.
Wijsgerig en staatkundig is D. antirevolutionair en dus een volgeling van Groen van Prinsterer. Hij zet zich af tegen de ideeën van de Verlichting en met name tegen de individualistische en deterministische elementen daarin. Hij acht het zinloos om zaken buiten hun juiste verband te beoordelen, zoekt dus bij alles eerst dit verband en noemt een context of verband waarin de werkelijkheid wordt bekeken een modaliteit. Het recht beziet hij als een autonome wijze van het interpreteren van de werkelijkheid, een modaliteit van een gemengd normatief-feitelijke aard. De juridische oorzaakleer bijvoorbeeld acht hij alleen begrijpelijk voor zover ingepast in deze juridische modaliteit. Het heeft geen zin om eerst met een zuiver fysisch oorzaakbegrip de feiten vast te stellen om deze vervolgens aan de hand rechtsnormen te gaan beoordelen. Al bij het kiezen van de feiten en het leggen van de verbanden daartussen worden er rechtskeuzes gemaakt. Alleen binnen de rechtsmodaliteit kunnen in zijn opinie feiten en normen hun juiste plaats krijgen en kan het onderscheid tussen beide zinnig worden gemaakt.
Dooijeweerd heeft een eigen begrippenapparaat en redeneert strikt logisch en formeel. Dat maakt hem voor de leek moeilijk leesbaar, maar gelukkig heeft hij de prijzenswaardige gewoonte om voorbeelden te geven ter illustratie van zijn opinies. Zijn bijdragen aan de rechtsfilosofie vind ik persoonlijk interessanter dan die van Rawls en bovendien is zijn modaliteitenleer, wat men er verder ook van moge denken een verrijking van de epistemologie die de grenzen van de rechtsfilosofie overschrijdt.
Dat Langemeijer de kwaliteit van Dooijeweerd onderkende en ons op zijn spoor heeft gebracht heb ik persoonlijk als een van de  verdiensten van de man ervaren.

Over akasdorp

gepensioneerd advocaat
Dit bericht werd geplaatst in wetenschap en filosofie. Bookmark de permalink .