Nico Schrijver en de VN.

De Academische Raad van de Verenigde Naties heeft ooit het boek ‘Development without Destruction van de Leidse hoogleraar Nico Schrijver beoordeeld als het beste recente boek over VN vraagstukken.
Indertijd was Schrijver hoogleraar aan de Vrije Universiteit in Amsterdam en heeft hij een discussie gevoerd met de Amerikaan Richard Perle over de VN.
Richard Perle viel in een artikel in NRC Handelsblad[1] de Verenigde Naties aan op twee punten. Hij zei, kort samengevat:

1. de VN is krachteloos, want kan genomen besluiten niet afdwingen;
2. de meerderheid in de organen van de VN heeft niet de morele kwaliteit om aan de besluiten die zij neemt volkenrechtelijke gevolgen te verbinden, d.w.z. voor de lidstaten bindende kracht te verschaffen

Hij gaf een aantal voorbeelden van internationale crises waarbij door de VN, of haar voorganger de Volkenbond, een twijfelachtige rol is gespeeld. Steeds weer bleek hun functie te zijn om te legitimeren wat door anderen werd gedaan. De steun van de VN aan het misdadige regime van Saddam Hoessein had ook die legitimerende rol naar het oordeel van Perle ondermijnd. Hij pleitte in plaats van de VN voor ad hoc coalities van fatsoenlijke staten, waartoe hij – om mogelijk uiteenlopende redenen – Frankrijk, Rusland, China, Syrië, Kameroen en Angola niet wilde rekenen. Die coalitie zou in voorkomende gevallen crises moeten bezweren. De opsomming van staten waar hij wat tegen heeft was wat provocerend en leek nogal overbodig in een betoog, dat overigens wel behoorlijk was gefundeerd.

Nico Schrijver reageerde. Hij was het niet met Perle eens. Hij had bezwaar tegen diens voorstel om de VN haar volkenrechtelijke status te ontnemen, maar haar te handhaven als een organisatie voor het verrichten van hand en spandiensten. Als voorbeelden van taken die hij gehandhaafd wil zien noemt Perle de malariabestrijding en de vredestaken, waarvan er op dat moment een aantal onder haar auspiciën plaats vonden. Anders dan Schrijver wilde Perle bijvoorbeeld niet de operaties in Afghanistan en Kosovo liquideren. Die operaties waren de facto door de VS mogelijk gemaakt, dus dat was niet onbegrijpelijk.

Zowel Perle als Schrijver lieten na de operatie te noemen waarbij de Verenigde Naties het meest spectaculair hebben gefaald, te weten de Arabisch-Israëlische kwestie. De VN hebben door een onoordeelkundige verdeling van het oude Britse mandaatgebied het conflict op scherp gesteld en het vervolgens door een quasihumanitair vluchtelingenbeleid in stand gehouden. Het morele krediet van de VN bij alle partijen in het conflict is gering en haar bijdrage aan een oplossing negatief.
Schrijver geeft toe dat de serie operaties, waarin de VN gefaald heeft, groot is, maar op de stelling van Perle dat dit falen te wijten is aan de incompetentie van de organisatie, gaat hij niet in.
Hij noemt wel nog wat andere voorbeelden van gevallen waarin de VN gefaald heeft. Meestal door de dreiging of door het daadwerkelijk gebruik van het vetorecht van een de permanent lid van de Veiligheidsraad. Soms ook omdat men de morele moed of de middelen miste om de zaak daadwerkelijk aan te pakken. Hij noemde de Vietnam-crisis, de Apartheid in Zuid Afrika, het Allende/Pinochet drama in Chili en de Amerikaanse invasie van de Dominicaanse Republiek in 1965, ongetwijfeld allemaal bien étonnées de se trouver ensemble. In elk geval was Schrijver hier op zijn beurt onnodig provocerend.
Als successen van de VN noemt hij tot mijn verbazing Suez in 1956, en de Kongo 1960-1963, de overdracht van Nieuw Guinea, de verzelfstandiging van Namibië en van Oost Timor.
Ik denk niet dat de terugtrekking van de Britse, Franse en Israëlische troepen van het Suezkanaal in 1956 als een overtuigend voorbeeld van effectief optreden van de VN gezien kan worden. Als het alleen aan de VN gelegen had waren zowel Frankrijk als Groot Brittannië in staat geweest om de Suez resolutie in de Veiligheidsraad met een veto te torpederen. Het kwam doordat de twee supermogendheden van het moment, de Sovjet Unie en de VS, het met elkaar eens bleken, waardoor het ingrijpen in Egypte geopolitiek onhoudbaar bleek. Het was de druk die Amerika en Rusland uitoefenden die de machten van de tweede rang er toe bracht van hun veroveringen af te zien.
De Kongo operatie van de VN in de zestiger jaren is opnieuw een goed voorbeeld van de onmacht en incompetentie van de VN. De interventie van de Volkerenorganisatie bleek voor Kinsjasa een regelrechte ramp. De eenheid van het land bleef bestaan, een twijfelachtig voordeel voor zijn bewoners, maar overigens bleef dat ingrijpen zonder enig positieve resultaat en het was de directe oorzaak van meer dan dertig jaar Moboetoe dictatuur.
De overdracht van Nederlands Nieuw Guinea aan Indonesië, het andere voorbeeld van Schrijver, was het resultaat van onderhandelingen tussen de beide mogendheden, onder politieke druk van de VS. De VN hebben een faciliterende rol gespeeld, net als in een aantal andere van de genoemde gevallen. De bewoners van West Nieuw Guinea zijn geen van de betrokken partijen dankbaar geweest.
Het dubbele verwijt dat Perle de Verenigde Naties maakt, gebrek aan competentie en gebrek aan morele autoriteit, werd door Schrijver niet weerlegd.
Hij kwam niet verder dan de constatering dat de wereld en met name de zwakke staten in die wereld de VN niet kunnen missen. Hij vond dat we er goed aan zouden doen de positie van de VN te versterken, maar meer dan vrome wensen reikte hij daarvoor niet aan. In wezen had Perle de betere argumenten voor zijn voorstel om de werkzaamheden van de VN te beperken tot een aantal praktische taken die minder spectaculair ogen maar effectiever zijn dan politieke discussies die nergens toe leiden.

[1] van 24 April 2003

Over akasdorp

gepensioneerd advocaat
Dit bericht werd geplaatst in geschiedenis, Verenigde Naties. Bookmark de permalink .