Geld is vertrouwen.

Geld is vertrouwen. Dat vertrouwen wordt gecreëerd door banken, want het zijn de banken die het geld[1] scheppen. Geld scheppen doen ze niet alleen ieder apart maar ook met zijn allen. Doordat de banken samenwerken kan het geld via een systeem van communicerende vaten naar de plek stromen waar men er het meeste behoefte aan heeft en wegvloeien van de plaats waar men er minder directe aanwendingsmogelijkheden voor heeft. Het gaat om het in stand houden van de geldcirculatie en het is duidelijk dat die in gevaar komt als het vertrouwen in te veel individuele banken verdwijnt. Het is niet alleen dat de andere banken verlies lijden als een van hen zijn schulden niet meer betaald, het is vooral dat het vertrouwen in het systeem dan een deuk oploopt.
Vanouds zijn het de overheden die toezicht houden op het geld, zowel op de individuele banken als op de geldcirculatie. Omdat de geldstroom nu een globale aangelegenheid is en we geen wereldregering hebben, is het met de controle op het geld niet best gesteld.
De individuele banken zijn vaak te groot geworden om nog door lokale overheden gecontroleerd en gegarandeerd te kunnen worden. Geen effectieve controle en geen effectieve garanties van de overheden betekent dat het vertrouwen in het geld ergens anders vandaan zal moeten komen.

De enige mogelijkheid daarvoor lijkt te zijn dat banken grotere reserves aan gaan houden. Dat is ook waar de centrale banken toe hebben besloten in een vergadering die Bazel III[2] wordt genoemd. Sindsdien moeten banken hun buffers verhogen. Onder buffers is hier te verstaan zowel meer eigen vermogen als meer liquiditeiten in verhouding tot het balanstotaal van iedere bank. Dit betekent extra kapitaal en liquiditeiten aantrekken of de balansen verkorten. Of dat voor individuele banken nodig is wordt bepaald met z.g. stress tests. De betrokken centrale bank gaat dan na hoe een bank zich houdt als het eens een maand lang allemaal tegen zit. Dan moeten de buffers voldoende zijn en als dat niet zo is moeten ze worden verhoogd.
Tegen dat besluit van de verenigde centrale banken is nogal geprotesteerd, vooral door merchant bankers in de VS. Ze zien hun omzet en hun winst dalen en wijzen erop dat de maatregelen van de controleurs de groei van de economie in gevaar brengen.
Dat laatste is zeker juist. De maatregelen houden in dat er per saldo minder kredieten kunnen worden verstrekt, zowel aan de cliënten van de bank als door de banken aan elkaar en dat betekent economische krimp.
Maar gezien de ellende die in Zuid Europa is veroorzaakt door het gebrek aan soliditeit van de banken was die krimp nodig. Persoonlijk vraag ik me af of de verhoging van de buffers voldoende zal zijn om het vertrouwen in de banken op langere termijn te herstellen. Dat vertrouwen gaat, zoals het heet te paard en komt te voet. Zowel in de competentie als in de morele kwaliteiten van bankiers is het vertrouwen zoek geraakt en dat komt niet zo maar terug.
Ik denk daarom eigenlijk dat zowel de overheidsfinanciën als de financiële soliditeit van de banken meer verbetering nodig hebben dan in Bazel III is voorzien. Dat ziet er dus niet echt goed uit maar de zaak op zijn beloop laten is erger. Beter een paar jaren krimp dan doorgaan met een systeem waar zich om de paar jaar een crisis voor zal doen.
Intussen kunnen veel onnodige gebreken die de economie bedreigen worden verholpen zonder dat dat daar echt krimp aan te pas komt. Ik denk dan in de eerste plaats aan de monetaire unie in Europa, waar de economieën van de Zuidelijke en Oostelijke landen van de EU nu zo veel van te lijden hebben. Als die eurozone wordt opgeheven of gesplitst in drie delen, zullen de Zuidelijke economieën gaan groeien in plaats van verder te krimpen.
Het loslaten van de gemeenschappelijke munt heeft voor de gemeenschappelijk markt ook duidelijke nadelen. Maar de prijs die het Zuiden nu voor het vasthouden aan de euro betaalt is domweg te groot. Voor de Noordelijke landen betekent het een continue stroom van steungelden van Noord naar Zuid. Daar staat tegenover dat de gemeenschappelijke munt zwakker is tegenover de dollar dan hij zonder de Zuidelijke landen zou zijn, wat de Noordelijke landen weer een export voordeel oplevert. Maar dat voordeel is onvoldoende. Zoals men nu ook in Brussel begint te begrijpen blijft het handhaven van de Euro in zijn bestaande vorm goed geld naar kwaad geld gooien en dat is iets waar we mee moeten stoppen.
Griekenland en haar satelliet Cyprus zijn reddeloos. De zogenaamde reddingsactie van de afgelopen jaren was een schijnredding. Cyprus en Griekenland gaan het niet halen en hoe eerder hun schuldposities worden afgebouwd, hoe beter. Maar de andere eurolanden die in de problemen zitten kunnen nog wel gered. Tenminste als het snel gebeurd want ook daar verslechtert de situatie nog steeds in plaats van te verbeteren.

[1] Geld is een gecompliceerder begrip dan ik hier suggereer, maar voor de praktijk is het een bruikbaar uitgangspunt: banken creëren het geld door krediet te geven en krediet geven is een kwestie van vertrouwen..

[2] Zie het filmpje http://vimeo.com/59895335 en Wikipedia over Bazel III

Advertenties

Over akasdorp

gepensioneerd advocaat
Dit bericht werd geplaatst in geld en economie. Bookmark de permalink .

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit / Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit / Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit / Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit / Bijwerken )

Verbinden met %s