Staring.

De dichter Staring kennen de mensen van die prachtige strofe: “Alcest wilt gij den Zangberg op? Zo rijdt een eigen paard, geen huurknol haalt den top”
Die Staring, een soort Piet Paaltjes of misschien nog meer een Schoolmeester, maar dan van een eeuw eerder, heeft nog een ander vers gemaakt, dat ongeveer zo begon, als ik me goed herinner:
“Bereisde Roel zag op zijn tochten
geweldig veel. Twee bullenbijters vochten
voor het wijnhuis in een kleine Poolse stad
terwijl hij juist ter tafel zat.
Zulk vechten mensen neen, bij iedere hap,
ging kop of staart eraf en glad als spek erdoor.”
Het gaat nog een tijd zo door en eindigt dan dat als het gevecht is afgelopen er alleen nog wat botjes over zijn, wat restjes en niets meer; de honden hadden elkaar opgevreten. Mooi, toch?

Aagt Morsebel nam kleinen Piet
In kost, en als het kind, te middag aangezeten,
Haar soms zijn walging merken liet:
De vieze bijsmaak van heur knoeisels werd geweten,
Aan kaarsvet, roet, noch snuif; ’t was altoos : “Lekkertand,
Wat zou’ het zijn, als aangebrand?”
Nu kwam er eens een schotelvol groen eten
Te voorschijn, die Kok Aagt spinazie had geheten:
Hiervan kreeg kleine Piet zijn deel op ’t bord gesmakt;
Hij roert er in; hij vindt twee achterpooten
Van d’armen kikvorsch, onder ’t warmoes kort gehakt,
En legt, met de oogen half gesloten,
Zijn eetvork neer, terwijl hij vraagt:
“Heeft aangebrand ook voetjes, moeder Aagt?”
Vind ik zijn beste.

Advertenties

Over akasdorp

gepensioneerd advocaat
Dit bericht werd geplaatst in literatuur. Bookmark de permalink .

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit / Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit / Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit / Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit / Bijwerken )

Verbinden met %s