Machiavelli.

De Florentijnse filosoof en geschiedschrijver Machiavelli was in zijn eigen tijd en eeuwen daarna berucht vanwege zijn geslaagde pogingen om feitelijke en normatieve zaken uit elkaar te houden, ook als het over mensen en hun samenleving ging.
Wie in de politiek niet alleen koel analyseert zoals dat hoort maar daar naar buiten toe blijk van geeft werd vroeger uitgemaakt voor machiavellist en dat was niet best. Frederik de Grote, koning van Pruisen en machiavellist pur sang, schreef een moralistisch en afkeurend pamflet over deze auteur, iets wat die schrijver zelf zeker met instemming zou hebben begroet. Moralisme vond hij oké, als het hielp tenminste. Maar wat hielp en wat moreel aanvaardbaar was hield Machiavelli verder goed uit elkaar. Dat doen zijn critici minder. Het door elkaar halen van normatieve en feitelijke oordelen is onwetenschappelijk maar tegelijk lijkt het kenmerkend te zijn voor de denktrant van menswetenschappers.
Ik hoor tot de groep 75 plussers die door hun toenemend aantal in de samenleving problemen veroorzaken. De overheid moet met dit fenomeen rekening houden en er haar beleid op afstemmen. Als zij meent dat daar een kostenanalyse voor nodig is hoort U mij niet protesteren. Ik weet best dat een euro maar een keer kan worden uitgegeven en dat overheidsuitgaven naast een meetlat van prioriteiten moeten worden gelegd. Om dat te verbieden omdat ze daarmee mensen zoals ik als instrumenten zouden behandelen, daar moet je denk ik een socioloog voor wezen.
Professor Tonkens [1] schreef een sputterende column over de ‘ontdemocratisering’ die tot gevolg zou hebben dat de zestiger jaren worden teruggedraaid, met als uiterste consequentie dat de concentratiekampen straks weer terug gaan komen. Wie het niet geloven wil moet het zelf maar lezen.
Dit alles naar aanleiding van de vraag van de PVV in de Kamer over de kosten en opbrengsten van de categorie nieuwe Nederlanders. Terecht, geloof ik, zoekt zij achter die vraag de weerzin van de PVV tegen de massale immigratie van de laatste decennia, vooral van moslims, maar de kinderlijke verontwaardiging waarmee ze reageert is niet erg wetenschappelijk. De vraag was niet zo onzinnig. Als ik overheid was dan had allang een kosten/baten analyse van het immigratie fenomeen gemaakt. En dan niet alleen, zoals Mevrouw Tonkens schijnt te willen, van immigranten vóór ze het staatsburgerschap hebben gekregen maar ook daarna. Regeren is vooruitzien en immigratie is heel iets anders als het betaalbaar blijft dan wanneer het op termijn de afschaffing van de welvaartsstaat tot gevolg heeft.
Dat Tonkens bezwaar heeft tegen de manier waarop de aanhang van Wilders politiek voert is haar goede recht, maar een Kamervraag is een Kamervraag en die dient op de eigen merites te worden behandeld, ongeacht door wie zij wordt gesteld. Er tegen schelden is slechte politiek en vanuit een progressief standpunt helemaal, wanneer het de populariteit van Wilders alleen maar in de hand werkt.
Als Mevrouw Tonkens Machiavelli om morele redenen niet wil lezen, wat ik me voor zou kunnen stellen, dan zou ze Max Weber eens moeten proberen, of staat die tegenwoordig niet meer op de boekenlijst van sociologen?
Gelovige moslims en mensen die in een islamcultuur zijn opgegroeid, zijn niet goed in een ander soort samenleving in te passen. Het gaat nog wel goed wanneer zij een kleine minderheid vormen, zoals dat bijvoorbeeld in Suriname het geval is, maar in grote aantallen geven ze overal problemen. Dat is gebleken in India, waar de aanwezigheid van moslims bij de onafhankelijkheid tot een vreselijke burgeroorlog heeft geleid. Het is gebleken in het voormalige Nederlands Indië, vooral in Atjeh en op de Molukken. Het blijkt nu weer in ver van elkaar gelegen gebieden zoals op de Filipijnen en in Tsjetsjenië in de Kaukasus. Het blijkt in zwart Afrika en in het Midden Oosten. En het blijkt sinds kort ook in het welvarende deel van de EU, waar het aantal moslims de kritische grens in een aantal landen lijkt te hebben overschreden.
Waar die grens precies ligt valt moeilijk vast te stellen, maar in Frankrijk, Duitsland, Italië, Spanje, de Benelux en de Scandinavische landen is zij gepasseerd, zoveel is wel duidelijk. Denemarken heeft de cartoonaffaire meegemaakt en niet zo lang geleden een herhaling, waarbij niet alleen de cartoonist maar ook zijn kleinkind in levensgevaar verkeerde. Frankrijk had haar opstanden in de getto’s, de aanvallen op Charlie Hebdo en de joodse synagoge plus de vrachtauto in Nice, Duitsland de Turkenrellen en de oudejaarsaanrandingen, plus een Nice- achtige aanslag op de kerstmarkt, Nederland de moord op Van Gogh, de verdrijving van Hirsi Ali en de strafrechtelijke vervolging van Wilders. Ook die strafzaak kan alleen begrepen worden tegen de achtergrond van de geweldsdreiging, waar hij voor waarschuwde met een woordkeus die als een functionele belediging van de betrokken bevolkingsgroep werd aangemerkt.
Het is de Russen onder het communistische regime niet gelukt om de moslims in de Unie te “bekeren”, maar men had er in de communistische tijd wel een stuk minder last van. Ook in Turkije was het leven beschaafder onder het regime van Moestafa Kemal Ataturk, die de islam uit de openbaarheid had gebannen, dan onder Erdogan. Onder zijn regime hebben de imams en oelama’s stap voor stap het heft weer in handen genomen.
Dat Wilders als punt één op zijn programma heeft staan om de moslimgemeenschap uit het openbare leven van Nederland te verwijderen is tegen die achtergrond begrijpelijk. Hij vertolkt de gevoelens van een meerderheid van het volk. En hij behartigt daarnaast de belangen van veel moslims en ex-moslims. De moslimcultuur wordt al honderden jaren gekenmerkt door een keurslijf van geweld en armoede. Dat is waar de meeste immigranten zich aan wilden onttrekken door hun emigratie naar Europa. Om die reden wil Wilders de toelating van moslims beperken tot degenen van wie redelijkerwijze vast staat dat zij in de Nederlandse samenleving kunnen worden opgenomen. Maar de Nederlandse overheid in al haar geledingen verzet zich daar tegen met hand en tand, omdat ze het discriminatoir vindt.
Als het hier China was, zouden we zeggen dat de overheid haar hemelse mandaat had verloren. Een overheid wordt door het volk als legitiem aanvaard in de mate waarin zij erin slaagt de problemen op te lossen waar de samenleving mee kampt. Onze overheid slaagt daar de laatste decennia in afnemende mate in, in hoofdzaak om twee redenen. Aan een ervan kan zij weinig doen. Het apparaat waarmee ze moet besturen dateert uit de eerste helft van de negentiende eeuw en is aan vervanging toe, of tenminste aan een grondige herziening. Het is niet uitgerust voor de taken van de een en twintigste eeuw. Het is met de overheid als met een rijdende trein. Eraf springen gaat niet. Het is duidelijk dat geen regering aan de megaklus van de eigen reorganisatie gaat beginnen en tegelijkertijd de lopende zaken kan blijven behartigen.
De tweede reden is de humanistische en individualistische ideologie waarmee onze overheid is uitgerust. Die ideologie dreigt ten onder te gaan aan het eigen succes, niet alleen in Nederland maar ook in andere delen van de wereld. Een humanistische overheid vindt dat zij tot taak heeft het leven te veraangenamen van alle individuen die van de samenleving deel uitmaken. Maar dat kan zij niet. Dat neemt te veel van haar middelen in beslag en haar primaire taken lijden eronder. De overheid is er in de eerste plaats om de samenleving in stand te houden en in verband daarmee te zorgen voor handhaving van recht en vrede. Terwijl de overheid daarmee bezig is horen de leden van de samenleving in de eerste plaats voor zich zelf te kunnen zorgen.
Dat is waar de bevolking van de zwarte getto’s in Amerika niet in slaagt. De getto’s zijn daar broeinesten van misdaad en geweld en veel meer mensen dan ooit worden vermeld in de media zijn er het slachtoffer van. Maar de kern van de Amerikaanse samenleving leeft in de suburbs en wordt er niet of nauwelijks door geraakt. Ze zouden er graag wel wat aan doen, maar al het geld en alle moeite die aan verbetering van de situatie in de getto’s wordt gespendeerd, zijn steeds weer te vergeefs gebleken. Alleen wie er op eigen kracht uitkomt en assimileert in de reguliere Amerikaanse samenleving wordt gered. Wie achterblijft is verloren. Dat is, kort samengevat, wat er nu al een half dozijn generaties in Amerika gebeurt.
Zo goed mogelijk handhaven de Amerikanen een cordon sanitaire om de getto’s heen maar Amerikaanse gevangenissen zitten vol met hun bewoners. In Latijns Amerika gebeurt hetzelfde op een relatief nog veel grotere schaal rond de welvarende steden in het Zuiden van het continent. Het is natuurlijk niet zeker maar Nederland staat misschien een soortgelijke ontwikkeling te wachten als we de getto’s laten groeien die hier de laatste twintig jaar zijn ontstaan. Onze samenleving is niet geëquipeerd om er iets aan te doen. De overheid is er voor de gemeenschap, niet alleen voor de tegenwoordige, maar ook voor de toekomstige. De leden van de gemeenschap zijn niet allemaal gelijk. De humanistische ideologie eist van ons dat we doen alsof dat wel zo is en dat heeft zeker wel iets aardigs. Discriminatie is ugly in elk geval. Maar in werkelijkheid loopt de waarde, die individuen voor de gemeenschap hebben, behoorlijk uiteen. De waarde van beroepscriminelen is vanuit de samenleving gezien negatief. Het is de taak van de overheid om daar rekening mee te houden en zodoende de vooruitzichten van de gemeenschap te maximeren.
Het is denkbaar dat dit rekening houden het beste kan gebeuren door iedereen voldoende kansen te geven en verder maar af te wachten, maar het kan ook zijn dat het beter is om gericht meer kansen te bieden aan mensen van wie verwacht kan worden dat ze er beter gebruik van zullen maken. Misschien kunnen we met het oog op de toekomst van de samenleving ons geld het beste zetten op de kansrijken. Vergroting daarom van de kansen voor iedereen, maar alleen als dat kan en in elk geval zo dat de toegevoegde waarde voor de samenleving evenredig is aan de gespendeerde middelen. Dat zou ik een verdedigbaar beleid vinden.
Individuen hebben van huis uit geen onvervreemdbare rechten. Het Gettysburg Address en het Charter van de VN menen van wel, maar hebben ongelijk. Die rechten krijgen ze pas als iedereen vindt dat ze die horen te hebben. Wat zouden pas geboren kinderen zelf ooit gedaan kunnen hebben om zulke rechten te verdienen? Wanneer we de humanistische gedachte loslaten dat iedereen rechten heeft alleen omdat hij een mens is, verdwijnen veel van de plichten die de overheid jegens hen op zich genomen heeft vanzelf. Maar de overheid heeft daarnaast wel degelijk urgente plichten, die zij alleen maar kan verwaarlozen op straffe van defungeren. Daartoe horen de handhaving van de burgerlijke vrijheden, de uitbanning van intern geweld uit de samenleving en de verdediging van die samenleving tegen externe aanvallen. Als een overheid deze plichten verwaarloost blijft een leefbare samenleving niet in stand. Alle andere overheidstaken zijn luxe.
Het is politiek wel slim van Wilders dat hij zich voorlopig in zijn publieke uitingen op een enkel issue concentreert. Hij heeft daarnaast een les getrokken uit het gebeuren rond Fortuyn en Verdonk en organiseert zijn politieke omgeving, die niet van erg hoge kwaliteit lijkt te zijn, zorgvuldig. Dat voorkomt waarschijnlijk debacles als met de LPF na de moord op haar leider. Het is duidelijk dat hij het voorlopig niet zal moeten hebben van een coalitie met andere politieke partijen en het is daarom verstandig dat hij buiten de regering blijft. De andere partijen zijn allemaal humanistisch. Het programma van Wilders, en vooral het enige punt waarmee hij tot nu toe naar buiten komt, is niet te verwezenlijken in combinatie met anderen. Hij zal moeten wachten tot hij een meerderheid heeft en dan kijken of hij in de uitvoering van de hervormingen die hij voorstaat medestanders kan vinden buiten zijn eigen kring. Voor die tijd kan hij alleen wachten en groeien. Voor zijn groei zorgt de huidige overheid, die haar eigen gebreken niet wil onderkennen en die van het ene ongeluk in het andere blijft struikelen.
Is Wilders te vergelijken met Hitler? Wel in zoverre dat beiden een regime voorstonden dat afstand neemt van de heersende humanistische ethos. Maar daar houdt de vergelijking op. Hitler heeft een historie van geweld, hij intimideerde zijn tegenstanders, hij was een antisemiet en verder volkomen meedogenloos. Dat is Wilders allemaal niet. Maar als Wilders meent dat hij goede gronden heeft om de koran met Mein Kampf te vergelijken dan kan een soortgelijke vergelijking worden gemaakt tussen zijn ideeën en die van de nationaal socialisten. In beide gevallen gaat die vergelijking maar heel ten dele op, maar is ze aan de andere kant ook niet helemaal onzin.

[1] Volkskrant 29/7/09

Advertenties

Over akasdorp

gepensioneerd advocaat
Dit bericht werd geplaatst in beschaving, geloof, maatschappelijk. Bookmark de permalink .

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit / Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit / Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit / Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit / Bijwerken )

Verbinden met %s