Kun je nog zingen.

In Nederland hebben vanouds drie verschillende samenlevingen bestaan, de protestantse, de katholieke en de seculiere. De seculiere was eigenlijk een afgeleide van de protestantse. Zij bestond uit mensen die zelf of van wie de voorouders protestants zijn geweest. Omdat protestants een soort verzamelnaam is en de verschillen tussen de denominaties nogal groot zijn, was er in Nederland eigenlijk eerder sprake van twee samenlevingen, de Noord Nederlandse en de Zuid Nederlandse. Er woonden ook wel katholieken in het Noorden en protestanten in het Zuiden, maar die bleven horen bij de religieuze gemeenschap waar ze uit stamden. Pas als ze overstapten van protestants naar katholiek of omgekeerd integreerden ze en anders niet. Je kon de mensen ook zo herkennen. Protestanten zagen er anders uit en ook ongelovigen zou je niet snel voor katholiek houden. Het gekke was dat je onder katholieken natuurlijk best veel mensen had die ook niet echt geloofden, maar dat was geen reden om vanuit de katholieke naar een seculiere gemeenschap over te stappen en zo van cultuur te veranderen.
Protestanten die niets meer aan hun geloof deden bleven vaak toch behoefte houden aan een soort sociale organisatie. Dat was waarschijnlijk de oorzaak voor de grote maatschappelijke betekenis van de SDAP en later de PvdA. Dat waren niet alleen politieke partijen, maar ze vormden ook de kern van een sociaal-ethisch georganiseerde samenleving.
Ik heb dat van dichtbij kunnen meemaken. Mijn vader was katholiek en mijn moeder Nederlands hervormd en socialistisch. Van beide kanten van de familie was men daar niet erg enthousiast over. Maar toen mijn vader in de oorlog om het leven kwam en mijn moeder na de oorlog uit een soort piëteit tegenover hem, ons katholiek liet dopen draaide dat om. De protestantse familie legde zich erbij neer en de katholieke tak was trots op de ´bekering´, waar ook de bisschop zelf zich zo welwillend over uitgelaten had.
Ik moet eerlijk bekennen dat ik me niet herinneren kan erg ooit gelovig te zijn geweest. Dat hoefde in Limburg ook niet. Je ging naar de kerk op de tijdstippen en plekken waar dat van je werd verwacht en je stelde geen al te penibele vragen. Dan werd je met rust gelaten en hoe ernstig iemand het meende met zijn geloof was geen onderwerp van gesprek. Dat was niet alleen in Limburg zo maar in heel katholiek Europa. De protestanten waren serieuzer. Ik zelf was dus niet zo gelovig, maar ik vond het protestantse geloof wel geloofwaardiger, als het ware.
Ik herinner me dat ik met mijn moeder naar de beroeping ging van een achternichtje en dat ik daar helemaal in two minds vandaan kwam. Ik vond de preek van dat nichtje wel mooi maar het zingen van de protestantse gemeente het ergste wat ik ooit had meegemaakt. Vals en heel hard!
Het gregoriaans in de katholieke eredienst was een esthetische weldaad, maar het zingen van psalmen in protestantse kerken zou verboden moeten worden. Ik weet vrij zeker dat God dat zingen ook wel verboden heeft, maar kennelijk luisteren ze daar niet naar.

Advertenties

Over akasdorp

gepensioneerd advocaat
Dit bericht werd geplaatst in geloof, herinneringen, maatschappelijk. Bookmark de permalink .

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit / Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit / Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit / Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit / Bijwerken )

Verbinden met %s