Staatsschuld.

Tsjalle van der Burg is econoom en docent in Twente. Hij poneerde een paar jaar geleden in de Volkskrant de stelling dat de hoogte van de staatsschuld er minder toe zou doen dan het eigen vermogen van een land dat, zoals U weet, het saldo van activa en schulden is. Een collega van hem die accountancy doceerde wees erop dat het eigen vermogen van een land een onhanteerbaar criterium is en daar reageerde Van der Burg later weer op. U kunt het, als U wilt, allemaal nalezen .
De accountant had gelijk. Daarvoor hoef je zijn bijdrage of het eerdere artikel van Van der Burg eigenlijk niet eens te lezen. Kijk maar naar Griekenland. Dat gaat failliet als het land niet overeind gehouden wordt door de EU. Dat komt door een negatieve cashflow en een gebrek aan middelen, niet doordat het vermogen van Griekenland negatief zou zijn. Dat vermogen zou alleen een rol spelen als het liquide was te maken en dat kan nu eenmaal niet. Dat was de reden waarom Finland geen eiland als onderpand wilde maar een deel van het geld dat we Griekenland net met zo veel moeite ter beschikking hadden gesteld. Onzin natuurlijk, maar verklaarbare onzin.
Als een land niet in staat is zijn schulden af te lossen en daardoor ook niet meer in staat om nieuwe middelen aan te trekken dan houdt het op te functioneren en wordt het een ‘failed state’.
Dat wil niet zeggen dat een land geen schulden moet maken of niet zou moeten investeren. Het moet zorgen daarbij evenwicht en transparantie te bewaren. Dat houdt in dat het op termijn niet meer moet uitgeven dan het binnen krijgt en dat het een overzichtelijke registratie van zijn overheidsfinanciën moet hebben. Als men daarmee fraudeert ontbreekt het vertrouwen bij de buitenwereld, wat ook zonder te hoge schulden al voldoende is voor het creëren van problemen bij de financiering. Dat de waardering van overheidseigendommen moeilijk is speelt op zich zelf geen rol. Het is een verstandige gewoonte om die waardering bij de overheidsrekeningen maar helemaal achterwege te laten en de beoordeling van haar financiële toestand te beperken tot een overzicht van baten en lasten. Voor zover dat meerjaren ramingen zijn speelt daar overigens de waarde van de bestaande investeringen wel degelijk een rol, al was het alleen maar omdat je wat je hebt niet meer hoeft te kopen. Maar uiteindelijk blijft het altijd de vraag of je de endjes aan elkaar kunt knopen of niet.
Beleidsbeslissingen staan daar, anders dan Van der Burg denkt, even los van. Wie geen geld meer heeft om uit te geven kan geen enkele beleid meer voeren, zo simpel is het. Van der Burg haalt overheidshuishoudingen en particuliere huishoudingen door elkaar en dat is iets wat je nooit moet doen. Zijn aanbeveling om niet te veel te kijken naar de staatsschuld als middel om de overheidsfinanciën te besturen is heel juist, als er met die schuld verder niets aan de hand is, maar wanneer een staatsbankroet voor de deur staat is de schuld vrijwel het enige dat telt. Lang voor het zover is krijgt de zorg voor de staatsschuld al een dominante plaats in het beleid en schuift het al het andere naar de achtergrond. Als iemand doodziek is geldt hem naar het ziekenhuis te krijgen en aan de beademing. Daarna zien we wel weer verder. Daar lijkt het op.

Advertenties

Over akasdorp

gepensioneerd advocaat
Dit bericht werd geplaatst in geld en economie, overheid. Bookmark de permalink .

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit / Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit / Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit / Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit / Bijwerken )

Verbinden met %s