Hitler Duitsland.

Hitler was anders dan de anderen, dat staat vast. Dat gaf hem een voorsprong op een aantal terreinen, vooral waar hij alleen maar tegenstand ontmoette van fantasieloze bureaucraten. Dat gold in het binnenland voor de Duitse politiek maar ook in het buitenland voor Daladier en Chamberlain en alle andere in hun ambtelijke apparaten verankerde Kanzlerei politiker in Europa. Hitler was een bohemien met ideeën die hij op straat in Wenen en in de loopgraven in de eerste wereldoorlog had opgedaan.
Die verzameling ideeën was overigens een merkwaardige mengelmoes van modern en hopeloos ouderwets. Zijn ideeën over Lebensraum, waarop de geplande verovering van Polen en Rusland was gebaseerd, dateren van voor de industriële revolutie. Het bevolkingsprobleem dat de politici en maatschappij filosofen van de negentiende eeuw obsedeerde, had in de twintigste eeuw veel van zijn betekenis verloren. Dat hij niets zag in koloniën in de tropen aan de andere kant omdat daar alleen maar geld bij moest, daar had hij weer groot gelijk in, maar dat zag toen nog lang niet iedereen. Churchill bijvoorbeeld was helemaal niet van plan om India haar zelfstandigheid te geven.

Hitler was een negentiende-eeuwer en de negentiende eeuw is de tijd van het nationalisme. Van de renaissance tot aan de Franse revolutie was er een politiek-culturele evolutie gaande waarin de oude middeleeuwse christelijke standenmaatschappij werd omgevormd in een moderne liberale industrieel wetenschappelijke samenleving. De revolutie versnelde dit proces aan de ene kant en verstoorde het aan de andere kant. In Duitsland bestond sinds de dertigjarige oorlog een flink wantrouwen tegen Frankrijk. De Franse revolutie en de Napoleontische oorlogen versterkten dat gevoel en het Duitse nationalisme was daarom in hoofdzaak anti Frans. De opbloei van de historische wetenschap verschafte materiaal voor een geromantiseerd Germaans en middeleeuws verleden waarin voldoende stof voor een vaderland beeld kon worden gevonden, waarin jonge mensen de emoties kwijt konden waar de religie hun geen outlet meer voor bood.

Hitler was in een aantal opzichten een modern mens, van de socialistische variant. Hij was voorstander van een samenleving zonder rangen en standen en het welzijn van de arbeidende klasse had zijn aandacht. Hij had een goed oog voor de mogelijkheden van de moderne techniek en gaf kansen aan mensen die in de oude Duitse verhoudingen nooit aan de bak zouden zijn gekomen. In het vooroorlogse Hitler Duitsland heerste geen angst maar euforie. Angst bij de Joden natuurlijk en bij de nog niet bekeerde communisten en buitenlanders, maar niet bij de gemiddelde Duitser. Die had het voor het eerst sedert de korte bloei in de twintiger jaren en eigenlijk pas voor het eerst sinds het begin van de wereldoorlog weer eens goed.

Het volkomen echec van het derde rijk moet ons er niet blind voor maken dat voor zes of zeven jaren Hitler in de ogen van de Duitsers en ook heel veel mensen buiten Duitsland een reëel maatschappelijk alternatief had ontwikkeld voor de liberale samenleving en een dat heel wat aantrekkelijker leek dan het Stalinisme in Rusland.

Advertenties

Over akasdorp

gepensioneerd advocaat
Dit bericht werd geplaatst in Duitsland, geschiedenis. Bookmark de permalink .

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit / Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit / Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit / Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit / Bijwerken )

Verbinden met %s