Het falen van klimaatconferenties.

De conferentie in Kopenhagen van acht jaar geleden was een groot succes omdat de organisaties die de betogingen daar organiseerden een gezicht gekregen hebben. Aldus – en serieus – een hoogleraar Duurzame Ontwikkeling van een van onze katholieke universiteiten [1] in een ingezonden brief aan de Volkskrant. Die brief was op de laatste pagina van de krant te vinden, naast een schrijven van een bisschop die per saldo niet vond dat bij de duurzaamheid een taak lag voor de kerk.
De Nederlandse politiek is per trein naar Kopenhagen gereisd omdat men gevoelig was voor het argument dat de hoeveelheid verbruikte kerosine bij de vorige klimaatconferentie in Johannesburg ieder positief resultaat van de conferentie illusoir gemaakt had. Maar het heeft niet geholpen. Die paar dagen klimaattop in Kopenhagen zorgde voor net zoveel uitstoot van kooldioxide als 660.000 inwoners van Ethiopië per jaar produceren. De cijfers over Warschau heb ik niet kunnen vinden. Men is te moedeloos geworden, vermoed ik om die te publiceren.
Ik heb indertijd geprobeerd uit te vinden hoeveel mensen het Nederlandse voorbeeld hadden gevolgd door te trein te nemen, maar zelfs uit buurland Duitsland, dat zoveel dichter bij Kopenhagen ligt, bleek de meerderheid per vliegtuig naar Denemarken te zijn gereisd, een aantal met private jets. Kritiek daarop wees men van de hand. Symboolpolitiek werd dat genoemd en eigenlijk was het dat ook wel..
De klimaatconferenties als zodanig zijn een vorm van symboolpolitiek. Ze hebben geen van alle iets opgeleverd. Warschau niet maar ook Kyoto niet, waar iedereen zo trots op is. Kyoto heeft een verdrag geproduceerd met protocollen waar in totaal vier van de ondertekenaars zich aan gehouden hebben. Ruim 18000 deelnemers en een factor tien keer zoveel pers en ongenode bezoekers, terwijl het enige onderhandelingsresultaat bereikt is door een handvol mensen onder leiding van de Amerikaanse president en de Chinese premier, buiten de aanwezigheid van de meest enthousiaste voorstanders van de nieuwe maatregelen.
Het is evident dat er maar één goede manier is om klimaatafspraken te maken: de vijf grootse economische blokken gaan om de tafel zitten, liefst op een eiland ergens ver weg dat goed te isoleren en te bewaken valt. Ze hebben tien of twintig van de beste klimaatexperts in de wereld en hun eigen economische adviseurs bij de hand. Iedere delegatie wordt geleid door een persoon met toereikende volmachten. Voor de EU betekent dit dat er voorafgaande aan de klimaattop een speciaal EU klimaatverdrag moet zijn gesloten waarin die machtiging en alle voorzienbare financiële consequenties zijn geregeld. De bestaande verdragen zijn niet toereikend, waaruit weer eens blijkt dat al dat gedoe om het Verdrag van Lissabon weer veel geschreeuw was en maar weinig wol.
De vijf maken onderling afspraken die de maatregelen omvatten die wereldwijd dienen te worden genomen. De niet deelnemende landen krijgen een jaar de tijd om zich aan te sluiten. Met wie zich niet aansluiten worden daarna specifieke onderhandelingen gevoerd om medewerking alsnog te verkrijgen. Weigering zal na deze onderhandelingsronde als een onbehoorlijke daad worden aangemerkt door alle vijf en kan handelsboycots en andere maatregelen ten gevolge hebben. Protesten van Harriet Duurvoort en soortgenoten worden genegeerd. Armoede of in het verre verleden geleden onrecht zal niet langer als excuus worden aanvaard. Voor zover sommige adressanten hulp nodig hebben blijkt dat wel bij de onderhandelingen.
Als dit een succes wordt dan kan in het vervolg meer van het vastlopende werk van de VN langs deze weg worden opgelost. Dat daarmee een groot deel van de wereld onder curatele komt te staan is waar, maar dat blijkt ook nodig te zijn. We kunnen ons geen failed world organization permitteren. Wie meent dat de slachtoffers van de klimaatverandering op deze manier onvoldoende zijn vertegenwoordigd bij de besluitvorming zou met de volgende punten rekening horen te houden:
1. De vijf grote blokken houden niet alleen zich zelf maar ook de rest van de wereld in leven. Bijna geen van de andere landen is in staat de eigen bevolking te voeden of van andere eerste levensbehoeften te voorzien, zonder het economisch potentieel van de vijf.
2. Afspraken die niet kunnen worden afgedwongen als dat nodig is zijn zinloos.
3. Alleen de vijf in onderlinge samenwerking vertegenwoordigen zoveel macht dat dreigingen geloofwaardig zijn en daarom hopelijk niet hoeven te worden uitgevoerd.
4. Een vergadering van 18000 mensen is niet werkzaam, zoals nu wel afdoende is gebleken.
5. We kunnen ons geen verder uitstel permitteren.
[1] 23/12/09

Advertenties

Over akasdorp

gepensioneerd advocaat
Dit bericht werd geplaatst in Organisaties, politiek. Bookmark de permalink .

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit / Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit / Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit / Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit / Bijwerken )

Verbinden met %s