Ze deed zeker haar best.

Hillary Rodham is geboren op 26 oktober 1947 in Chicago Ill. maar ze groeide op in Park Ridge, een forensenstadje even ten zuiden van Chicago, bekend om de architectuur van Frank Lloyd Wright.
Ze studeerde aan het Wellesley College, een deftige school voor jonge dames in de buurt van Boston. Na haar bachelors ging ze in 1969 rechten studeren aan de Yale Law school in New Haven, Conn.. Ze specialiseerde zich daar in het kinderrecht en ze deed vrijwilligerswerk bij New Haven Legal Services, een vorm van sociale advocatuur. In het kader daarvan werkte ze ook bij het Yale Child Center.
In november 1973 publiceerde ze haar scriptie “Children under the law” in de Harvard Educational Review en pleitte daarin voor het vastleggen van meer wettelijke rechten van kinderen.
In Yale leerde ze Bill Clinton kennen. In de zomer van 1971 ging ze werken bij een klein advocatenkantoor in Oakland. Oakland is een middelgrote stad in de buurt van San Francisco in Californië.
In het voorjaar van 1973 studeerde ze af. Ze zette haar werk voort bij het Children’s Defense Center in Cambridge, Mass. Ze deed haar bar examinations in Arkansas en in Washington DC.
Clinton werd lid van de commissie die de mogelijkheden onderzocht om de e.t. president Richard Nixon af te zetten na het Watergate-schandaal, maar zoals bekend heeft die de eer aan zich zelf gehouden en is afgetreden.
In 1974 besloot het echtpaar Clinton om naar Arkansas te verhuizen en zich daar in Fayetteville te vestigen. Hillary gaf er les in strafvordering en strafadvocatuur.
Toen haar man Bill Clinton minister van Justitie in Arkansas werd, verhuisde het paar naar Little Rock, de hoofdstad van Arkansas. Hillary trad in dienst van Rose Law Firm, waar ze vervolgens vijftien jaar gewerkt heeft. Dit kantoor heeft vooral grote zakelijke cliënten in Arkansas; ze was daar een tijdlang de enige vrouwelijke jurist. Toen ze in 1979 first lady van Arkansas was, werd ze eerste vrouwelijke partner van het kantoor. In 1980 werd ze gevraagd om managing partner te worden maar dat weigerde ze wegens tijdgebrek.
In de tachtiger jaren speelde de Whitewater-affaire, een web van dubieuze onroerend goed transacties in Arkansas, die Bill en Hillary Clinton is blijven achtervolgen ook toen het echtpaar zijn intrek had genomen in het Witte Huis. Rond de presidentsverkiezingen van 1992 kon de affaire door Clintons campagnestaf nog met succes worden afgedaan als een onbeduidende kwestie, maar weggaan deed zij niet meer. Steeds weer wordt die zaak opgerakeld als een van de twee Clintons een nieuwe baan krijgt.
Toen Bill Clinton president werd en Hillary First Lady, werd ze voorzitter van een werkgroep die moest adviseren over een hervorming van de zorgverzekeringen als gevolg waarvan de minder bedeelden in Amerika een betere kans op medische verzorging moesten krijgen. Het plan was een door werkgevers te betalen zorgverzekering, maar het voorstel haalde het niet in het congres.
Hillary Clinton schreef een autobiografie, Living History, over deze periode waaruit vooral blijkt hoe kwaad ze zich maakt over het steeds opnieuw aan de orde stellen van de Whitewater-affaire en ook hoe zeer zij zich gekwetst voelde door de Monica Lewinsky affaire. Toch bleef zij haar man in het openbaar steeds steunen.
In november 2000 veroverde Hillary Clinton de Senaatszetel voor New York en zes jaar later werd ze herkozen. In beide campagnes en in de Senaat liet ze zich kennen als een ‘main stream American’. Ze steunde in 2003 de aanval van de VS op Irak. Maar het wantrouwen dat het fatsoenlijke deel van Amerika tegen haar koestert verdween niet. Later, toen haar een veranderd standpunt haar beter uitkwam, liet ze weten de inval in Irak fout beoordeeld te hebben.
Op 20 januari 2007 kondigde Hillary Clinton aan dat ze belangstelling had voor het Amerikaanse presidentschap. Ze wilde graag de eerste vrouwelijke president van de Verenigde Staten worden en de eerste voormalige first lady die zelf ook president werd.
Zij was in 2008 de belangrijkste favoriet voor de kandidatuur van de Democratische Partij, met Barack Obama toen als haar belangrijkste rivaal.
De eerste uitslagen waren wisselend, maar op Super Tuesday won Clinton in een reeks grote staten zoals Californië, New York, New Jersey en Massachusetts. Obama won toen in een groot aantal kleinere staten. Obama won ook de volgende elf voorverkiezingen, maar op 4 maart gingen de voorverkiezingen in Ohio, Rhode Island en Texas naar Clinton en op 22 april de primary in Pennsylvania zelfs met bijna tien procentpunten verschil. Daardoor bleef ze in de race en verzamelde ze bovendien binnen 24 uur tijd tien miljoen dollar aan donaties om haar campagne door te kunnen zetten.
Uiteindelijk, bij de laatste primaries, op 3 juni, kreeg Obama zoveel gedelegeerden achter zich dat hem de Democratische kandidatuur niet meer kon ontgaan. Daarop kondigde Hillary Clinton officieel aan dat ze haar strijd om het kandidaatschap staakte, waarbij ze haar volledige steun aan Obama uitsprak.
Op 21 november van dat jaar maakte de New York Times bekend dat Hillary Clinton instemde met het verzoek van Barack Obama om onder zijn presidentschap minister van Buitenlandse Zaken te worden. Op 1 december maakte Obama de benoeming officieel bekend. Clinton noemde terreur, het milieu en de slechte economie als speerpunten voor haar beleid. Op 21 januari 2009 werd ze officieel benoemd, legde de eed af en trad tegelijk af als senator.
De Egyptische rellen in 2011 en de uitbraak van de Arabische Lente waren de belangrijkste gebeurtenissen tijdens Clinton’s ministerschap. Eerst steunde de VS Hosni Moebarak nog, maar men veranderde snel van standpunt en riep op tot een ordelijke overgang naar een democratische staat. Toen er vervolgens rellen uitbraken in verschillende andere Arabische landen, trad Clinton op als een van de belangrijkste woordvoerders van de Amerikaanse regering. Ze gaf toe dat haar beleid niet erg consistent was. Het regime in Libië werd eerst gesteund maar later veranderde Clinton van mening en pleitte voor een militaire interventie in dat land.
In december 2011 hield ze een speech voor de Mensenrechtenraad van de Verenigde Naties waarin zij stelde dat de Verenigde Staten zich hard zouden maken voor de rechten van homo’s en dat het “nooit als misdaad zou mogen worden beschouwd om homo te zijn”. In diezelfde maand bezocht zij Birma en ontmoette daar de leiders van het land maar ook oppositieleider Aung San Suu Kyi.
Een aanval van islamitische extremisten op het Amerikaanse consulaat in Benghazi op 11 september 2011, waarbij de Amerikaanse ambassadeur Christopher Stevens werd vermoord, kwam als een complete verrassing. Er kwamen in de Verenigde Staten veel vragen over de beveiliging van het consulaat. Clinton liet weten zich verantwoordelijk te voelen voor het gebeuren. Een onderzoekscommissie oordeelde dat het State Department tekort was geschoten bij het waarborgen van de veiligheid. Functionarissen van Buitenlandse Zaken hadden verzoeken uit Libië om meer bewakers en betere veiligheidsmaatregelen genegeerd. Men nam het Buitenlandse Zaken bovendien kwalijk dat veiligheidsprocedures niet spontaan waren aangepast aan de verslechterende veiligheidssituatie in het land.
Op 17 maart 2012 maakte Clinton bekend geen tweede termijn op Buitenlandse Zaken te willen dienen als Obama in 2012 herkozen zou worden. Op 15 december 2012, kort voor het einde van haar termijn, viel ze flauw en liep een hersenschudding op. Die val werd toegeschreven aan oververmoeidheid. Op 1 februari 2013 werd ze opgevolgd door John Kerry.
In 2014 publiceerde Clinton onder de titel Cruciale Keuzes haar memoires als minister van Buitenlandse Zaken.
Ze kreeg veel kritiek voor het feit dat ze de Irakoorlog eerst vol overtuiging steunde, maar later die steun weer introk. Veel Amerikanen noemden dat slecht leiderschap. Ze bestempelde de oorlog eerst als ‘onze oorlog’ maar later als de ‘George W. Bush’ oorlog’.
In maart 2015 werd bekend dat Clinton als minister van Buitenlandse Zaken van de Verenigde Staten haar privé e-mailserver had gebruikt voor haar officiële e-mailverkeer. Duizenden van deze e-mails werden door het State Department, het Amerikaanse ministerie van Buitenlandse Zaken, als “classified” aangemerkt en daarmee het gedrag van Clinton als strafwaardig.
In januari 2016 werd een reeks van die e-mails vrijgegeven. Die betroffen een correspondentie tussen Clinton en de vroegere directeur voor beleidsplanning , waaruit onder andere bleek dat zij zich afvroeg hoe ze het beste om kon gaan met premier Benjamin Netanyahu van Israël.
Na haar aftreden als minister van Buitenlandse Zaken liet Clinton lang in het midden of ze zich kandidaat zou stellen voor de presidentsverkiezingen. Maar op 12 april 2015 maakte ze officieel bekend dat ze zich kandidaat stelde voor de Amerikaanse presidentsverkiezingen van 2016.
Ze werd in de progressieve media lang gezien als de kandidaat die zo goed als zeker de Democratische nominatie zou halen. Vicepresident Joe Biden leek de enige andere kansrijke kandidaat. In oktober 2015 maakte die echter bekend dat hij zich niet kandidaat zou stellen. Ook andere, minder bekende politici, zoals Lincoln Chafee en Jim Webb trokken zich rond die tijd terug. Tegen het einde van 2015 bleven alleen Hillary Clinton, Bernie Sanders en Martin O ’Malley nog over. In de aanloop naar de eerste voorverkiezingen in februari 2016 steeg Bernie Sanders in de peilingen en werd de strijd competitiever dan oorspronkelijk was verwacht. Bij de eerste voorverkiezingen op 1 februari 2016 in Iowa eindigde Hillary Clinton als eerste met een voorsprong van 0,2 procent op Bernie Sanders. O’ Malley trok zich toen terug.
In september 2016 moest zij haar campagne onderbreken, nadat ze bij een herdenking van 11 september 2001 onwel was geworden. Ze bleek longontsteking te hebben .
Op 9 november 2016 werd duidelijk dat Clinton de verkiezingen. tegen haar Republikeinse opponent Donald Trump verloren had. Volgens de verkiezingsuitslagen zou ze 232 kiesmannen achter zich krijgen, maar bij de stemming in het kiescollege in december 2016 bleken het er uiteindelijk maar 228 te zijn, omdat vier kiesmannen uit de staat Washington haar in de steek lieten.
Dat was het einde van de politieke carrière van Hillary Clinton. Ze heeft zich haar hele leven lang ingespannen, eerst voor haar man Bill en daarna voor zich zelf. Bill was lui, maar intelligent en charmant. Zij was dat allemaal niet. In geen van de functies die ze bekleed heeft is ze ooit een groot succes geweest, maar aan haar ijver en toewijding heef dat niet gelegen.

Advertenties

Over akasdorp

gepensioneerd advocaat
Dit bericht werd geplaatst in Amerika, politiek. Bookmark de permalink .

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit / Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit / Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit / Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit / Bijwerken )

Verbinden met %s