De la démocratie en Egypte.

De staatsgreep van het Egyptische leger vond plaats onder het aegis van een herstel van de democratie. Dat laatste hoorde ik in elk geval uit de mond van een Egyptenaar die door een westerse journalist werd geïnterviewd. Nu lijkt me een ding zeker en dat is dat er onder Morsi geen democratie bestond in Egypte en dat die er onder het bewind van het leger ook niet komen gaat. Egypte is geen democratisch land en krijgt daarom geen democratisch regime, hoe je de verkiezingen ook gaat organiseren straks.

Morsi, die op een soortgelijke manier aan de macht is gekomen als Allende indertijd in Chili, maakte vervolgens precies dezelfde fout als Allende. Hij benoemde een opperbevelhebber van het leger van wie hij verwachten kon dat die hem welgezind zou zijn. Deze Egyptische Pinochet was vervolgens degene die het initiatief nam om hem af te zetten. Un militair jacobin n’est pas un jacobin militair, dat blijkt maar weer.

Democratie is niet alleen een actueel staatsrechtelijk/filosofisch maar ook een historisch begrip, d.w.z. een begrip dat in de loop van de tijd van betekenis is veranderd. Historisch heeft het uiteenlopende betekenissen gehad. Het is ooit begonnen als de idee dat een stadstaat niet onderworpen hoorde te zijn aan de wil van een enkele persoon of aan een minderheid van de burgers. Iedereen met burgerrecht hoorde deel te kunnen nemen aan het bestuur en een meerderheid moest niet kunnen worden overruled. Was het op die manier ingericht, zoals in het Athene van Pericles, dan had die stad een democratie en geen oligarchie of tirannie. Dit soort democratie bleek in de praktijk weinig stabiel en daarom niet erg goed te werken. Als staatsvorm is het snel in onbruik geraakt. Als theoretisch en ongebruikt model[1] is het blijven bestaan tot aan de Franse revolutie. Toen werd het opnieuw geïntroduceerd in de staatkundige praktijk en het is daarna in snel tempo geëvolueerd. Democratie als staatsvorm moet worden onderscheiden van de republiek, al lijkt het daar in de historische praktijk wel op. De republiek is een veel breder begrip. Die hoeft niet noodzakelijk democratisch te zijn.
Een republiek was in de oudheid en in de renaissance een stadstaat met een publieke ruimte, waarin het bestuur maar ook alle andere openbare aspecten van het leven zich afspeelden. Een republiek kon democratisch zijn zoals Athene of oligarchisch worden bestuurd, zoals Venetië, of iets er tussen in, zoals Rome. Hannah Arendt[2] heeft daar erudiete en lezenswaardige dingen over geschreven. Giscard, DeHaene en Amato, die de Europese grondwet[3] hebben voorbereid hebben zich met het onderwerp democratie bezig gehouden. Ze beschouwden het als kenmerkend voor Europa, maar ze hebben noch het historische noch het actueel staatsrechtelijke begrip behoorlijk omschreven.
Democratie is tegenwoordig in hoofdzaak een ethisch begrip geworden. Het markeert in positieve zin het soort staatsbestel dat we hebben in Europa en de Engelstalige landen van overzee waarmee we ons onderscheiden van de vroegere communistische landen en de autocratische regeringen op andere plaatsen in de wereld.
Nederland is een democratisch land, wat ondermeer wil zeggen dat de belangen van onze minderheden bij de meerderheid in goede handen zijn en dat er niet geregeerd kan worden tegen de nadrukkelijke wens van de meerderheid. Er is algemeen kiesrecht. Daarnaast zijn diezelfde landen ook rechtsstaten, wat wil zeggen dat conflicten niet met geweld maar door interventie van de rechter en op grond van rechtsregels worden opgelost. Tezamen vormen rechtsstaat en democratie de ethische grondslag van westerse samenlevingen.
Wij en alle andere westerse landen zijn niet democratisch in de zin van het oude Athene of in de zin waarin de vroege verlichting democratie nog definieerde.
Het tegenwoordige begrip democratie komt voor het eerst voor bij Alexis de Tocqueville, hoewel de samenleving die hij als democratisch beschreef op een essentieel punt afwijkt van de onze.
De jonge VS van de negentiende eeuw was een samenleving van economisch zelfstandige burgers. Wie niet zelfstandig was en niet voor zich zelf kon zorgen, nam aan het publieke deel van de samenleving geen deel. Dat gold voor de slaven en voor de nieuwe immigranten en het gold voor vrouwen en kinderen. Algemeen kiesrecht bestond daarom niet. Men hoorde een zelfstandige bijdrage aan de samenleving te kunnen geven om mee te mogen praten. Kiesrecht is trouwens een heel onvolkomen uitdrukking van dat recht. De burgers bepaalden wat er in de samenleving gebeurde en de overheid voerde uit.
Ook in Europa kwam het algemeen kiesrecht voor iedere volwassene, zelfstandig of niet, pas in de twintigste eeuw. Iedereen heeft nu dan wel kiesrecht, maar dat wil niet zeggen dat iedereen ook macht heeft. De macht van de kiezer is beperkt tot het uitbrengen van een stem op een lijst waarvan de samenstelling in handen is van politieke partijen. Dit soort democratie zou door Hobbes of Spinoza als een oligarchie zijn beschreven. Het zijn de politieke partijen die de centra vormen van de macht in de samenleving en die voor de politieke leiding zorg dragen, niet de zelfstandige burgers. Het is het overheidsapparaat dat (top down) voor governance zorgt, tezamen met de maatschappelijke organisaties, die (bottom up) diensten verlenen aan de samenleving op punten waar de overheid zelf geen taak onderkent. Tot vijftig jaar geleden was dit in hoofdzaak het Nederlandse plaatje, maar dat is het nu niet meer. Onder de intellectuele dominantie van de PvdA heeft de overheid de totale verantwoordelijkheid voor de samenleving in de hand genomen. Deze overheid heeft de verzorgingsstaat definitief in de plaats gesteld van de economisch zelfstandige burger. Iedereen kan nu voor zijn levensonderhoud op de overheid terugvallen en wie economisch zelfstandig is draagt een substantieel deel van zijn inkomen en vermogen daarvoor af aan de staat[4].
Na de democratie in de klassiek betekenis van het woord, een regering door de burgers, is intussen ook de democratie in de zin van De Tocqueville, de regering door afgevaardigden van de burgers, al weer verleden tijd geworden. We hebben geen regering meer vanuit het volk, waarbij dat volk kan worden gedefinieerd als de economisch zelfstandige burgers. We hebben een kartel van politieke partijen, overheidsinstanties, maatschappelijke organisaties en media, dat als een deken over Nederland heen ligt. En wat voor Nederland geldt ook voor de andere westerse landen. De volksinvloed zoals De Tocqueville die beschreef is wel erg indirect geworden. In hun onderlinge concurrentie moeten de leden van het kartel rekening houden met de publieke opinie zoals die tot uiting komt in de media en bij de periodieke verkiezingen. Maar van rechtstreekse invloed van de burgers op de politiek is intussen geen sprake meer
Democratie is goed voor het onderlinge vertrouwen in een samenleving en het legitimeert de staatsleiding. Onderling vertrouwen is een noodzakelijke voorwaarde voor welvaart en geen staat kan zonder erkenning door haar burgers en zonder legitimiteit. Democratie is de manier waarop wij in het westen vertrouwen geven. Legitimatie en democratie zijn nodig, maar waar zij niet zonder meer voor zorgen is voor governance en competente leiding. Beide zijn niettemin op termijn noodzakelijke voorwaarden voor de instandhouding van de samenleving.
Governance omvat de technische en morele aspecten van de organisatie van de samenleving; leiding is bestuur van het land gebaseerd op inzicht in de noden van de mensen en in de richting waarin veranderingen in de samenleving plaats gaan vinden.
Het lijkt me duidelijk dat de regering van Morsi is die opzichten te kort geschoten is. Een governance die gebaseerd is op inzichten die aan de koran zijn ontleend kan onmogelijk democratisch zijn, maar dat is niet het ergste. Ze kan ook onmogelijk in het belang van een natie zijn. Ze biedt geen basis voor het ontstaan van een rechtsstaat in de westerse betekenis van het woord.
De minderheden konden zich onder het bewind van Morsi niet veilig voelen en van vertrouwen over en weer tussen de verschillende stromingen in de bevolking was geen sprake. Het is dus goed dat het leger een einde heeft gemaakt aan het bewind van de moslimbroeders, maar of het in staat zal zijn de Egyptenaren met elkaar te verzoenen, dat blijft de vraag. Voorlopig mogen we alleen hopen op een beweging richting rechtsstaat en van democratie moet U vooral niet te veel verwachten.

[1] Zie Polybius, Cicero, Hobbes en Spinoza
[2] The Origins of Totalitarianism uit 1951, The Human Condition uit 1958 en Between Past and Future uit 1961.
[3] Die nu het Verdrag van Lissabon heet.
[4] De niet zelfstandige burger betaalt ook belasting maar dat is een formele zaak, die dient om de inning van de belastingen en premies te vereenvoudigen. De uitkering of het loon dat hij van de overheid krijgt wordt vastgesteld op een manier die rekening houdt met de daaruit af te dragen heffingen.

Advertenties

Over akasdorp

gepensioneerd advocaat
Dit bericht werd geplaatst in Midden Oosten, overheid, politiek. Bookmark de permalink .

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit / Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit / Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit / Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit / Bijwerken )

Verbinden met %s