Een problematische overheid.

Zijn de overheid en de publieke sector een deel van de oplossing of zijn ze het probleem? Deze vraag beantwoordt Pieter Hilhorst van De Volkskrant in de oplossingsrichting en de rechtse pers in de richting van het probleem.
Rechts ziet het als volgt. Vrijwel alles zou beter gaan in Nederland als de overheid een stap terug zou doen en zich zou concentreren op de terreinen waar haar optreden onmisbaar is. Er zijn maar weinig samenlevingsproblemen die top down kunnen worden opgelost en die enkelen die er zijn komen niet aan de beurt omdat de overheid het te druk heeft met andere dingen. Een linkse overheid staat de mensen in de weg bij het vinden van bottom up solutions, die vaak beter werken dan de linkse top down solutions die verzanden in bureaucratie en regelknechterij. Het smijten van geld naar problemen brengt weinig of geen verbetering. Het kunnen beschikken over ongelimiteerde middelen leidt niet tot een verbetering van de kwaliteit. Het is juist minder geld dat dwingt tot efficiency. Het Nederlandse leger is nu kleiner maar beter dan het ooit geweest is in de tijd van de koude oorlog. Dat is het gevolg van de afschaffing van de dienstplicht en een reorganisatie die nodig werd door de bezuinigingen. De zorg, het onderwijs en de welzijnswereld zitten in de knel, niet omdat daar te weinig belastinggeld aan wordt besteed, maar omdat de organisatie bij de overheid in verkeerde handen is gebleken. Vergelijkt men het geld dat in Nederland aan deze overheidstaken wordt besteed met de uitgaven elders dan is de prijs/kwaliteit verhouding van zorg, onderwijs en welzijn hier slecht.
83,8 Miljard euro bedroegen de zorguitgaven in 2009, terwijl het bruto nationaal product tegen marktprijzen in hetzelfde jaar ongeveer 572 miljard bedroeg, 14,6% van het nationaal inkomen, dus. Zij zijn in de jaren erna gestegen in absolute zin en als percentage van het nationaal inkomen. Alleen in landen met een volledig gesocialiseerde zorg, zoals de U.K. is de zorg nog slechter georganiseerd, zowel naar objectieve maatstaven gemeten als in de perceptie van de bevolking. Het was een van de politieke ideeën van Fortuijn en een waar te weinig aandacht aan is besteed, om een stop te zetten op de verhoging van de uitgaven in de zorg totdat men duidelijk had waar de besteding van extra geld ook tot betere resultaten zou kunnen leiden. Van zorg had de man echt verstand. Hij achtte het niet uitgesloten dat een reorganisatie op basis van efficiency in plaats van op ideologische gronden niet alleen tot kostenbesparingen zou leiden maar ook tot verbetering van de kwaliteit. Voor het onderwijs ligt dat niet helemaal hetzelfde. Met name op de salarissen en de opleidingen van de leraren is meer bezuinigd dan verantwoord is. Terecht willen sommigen daar nu wat aan gaan doen. Maar ook het onderwijs lijdt aan een gebrekkige organisatie en een ongelukkige ideologisering van de doelstellingen, die door extra geld niet vanzelf weer ongedaan zullen worden gemaakt.
De kosten van de zorg liggen voor een deel bij de overheid en voor een deel bij de zorgverzekeraars, die onder controle van de overheid voor de financiering zorgen. De premies voor de ziektekostenverzekering en AWBZ vormen ook voor gezonde mensen een substantieel deel van hun gezinsbudget, een beduidend groter deel meestal dan de kosten van duurzame consumptie artikelen.
De tegenstelling die linkse mensen vaak creëren tussen hun standpunt en dat van hun rechtse medeburgers is vals. Iedereen wil goed onderwijs voor zijn kinderen en kleinkinderen. Iedereen wil goede zorg voor zijn ouders, maar waar men het niet over eens wordt is de weg waarlangs kwaliteitsverbetering kan worden bereikt. Voor een rechtse Nederlander staat vast dat een oprecht socialist kiest voor de gelijkheid als hij moet kiezen tussen een gelijke, maar slechtere zorg en een ongelijke maar betere zorg voor iedereen. Zo blijft hij kiezen ook als dat voor de minder bedeelden aantoonbaar het soort zorg oplevert dat men in Engeland kent. Dat is het werkelijke verschil tussen links en rechts. De recente bemoeienis van de overheid met de manier waarop ouders hun kinderen opvoeden is een logisch gevolg van de top down organisatie van de samenleving. Maar welzijnszorg van de overheid voor kinderen van ouders die verstek hebben laten gaan is dweilen met de kraan open. Slecht opgevoede kinderen vormen een disproportionele belasting van het onderwijs en de welzijnsorganisaties. Het verwijderen van de rotte appels uit de scholen en andere opvoedingsinstituten zou de efficiency ervan sterk verbeteren, zonder dat het een evenredige schade zou toebrengen aan de opvoeding van de betrokken kinderen. Die zouden in speciaal voor hen ingerichte instituten kunnen worden ondergebracht, waar ze alleen elkaar tot last zouden zijn. De ouders zelf opvoeden, zoals het kabinet Balkenende scheen te willen is onmogelijk gebleken. De bureaucratische bemoeienis die er een noodzakelijk onderdeel van is, is onverdraaglijk gebleken. De overheid is er om de leden van de samenleving die anderen tot last zijn te corrigeren en desnoods uit de samenleving te verwijderen. Zij is er niet om de burgers te betuttelen. Links heeft kritiek op de aftrekbaarheid van de hypotheekrente en rechts op de huursubsidie die beide op hun eigen wijze de woningmarkt versjteren. De discriminatie van huurders, die hun woonlasten niet mogen aftrekken tegenover huiseigenaren die dat wel mogen slaat inderdaad nergens op. De overheid hoort rechtsgelijkheid te bieden aan alle burgers. Maar dat de overheid huiseigenaren zou subsidiëren, zoals men bij links wil volhouden, is ook niet waar. Minder belasting betalen is geen overheidssubsidie aan de burgers, dat is gewoon minder subsidie van de burgers aan de overheid.
De linkse redenering, dat rijke mensen bij gelijke aftrek een hogere subsidie krijgen dan arme gaat mank. Consequente aanhangers van deze leer zouden dan immers iedere progressie in de inkomstenbelasting moeten afschaffen, waardoor al deze vormen van “subsidie” vanzelf zouden verdwijnen. Die consequentie trekt men dan weer niet .
Een overheid die zoveel op haar bordje heeft als bij ons kan niet efficiënt werken en doet dat ook niet. Omdat zij boter op haar hoofd heeft en de kiezer vreest gebeuren er allerlei dingen niet waar men van weet dat ze noodzakelijk en onvermijdelijk zijn. Terecht constateert Hilhorst daarom dat men liever niks fout doet dan iets goeds. Maar dat schip wordt op den duur door de wal gekeerd. Daar kun je op wachten.

Advertenties

Over akasdorp

gepensioneerd advocaat
Dit bericht werd geplaatst in Gezondheid en welzijn, overheid. Bookmark de permalink .

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit / Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit / Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit / Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit / Bijwerken )

Verbinden met %s