Willem Huberts

Wat moet je met iemand die zegt: voor mij staat vast dat Wilders en zijn PVV zich op de zelfde voedingsbodem baseren als het vooroorlogse fascisme en nationaal socialisme? Moet je volstaan met de constateren dat het slecht Nederlands is en dat geen redelijk mens zich van dat soort onzin iets aantrekt?
Willem Huberts, die zulke dingen schrijft en zegt, kan dat kennelijk doen zonder dat een officier hem voor belediging dagvaardt en een rechtbank hem daarvoor veroordeelt.
We vinden zo ‘n uitspraak in Nederland kennelijk niet onbehoorlijk genoeg om die man ervoor in rechte te betrekken, terwijl de praktijk toch heeft uitgewezen dat dit soort gestook mensen hun leven kan kosten Pim Fortuijn en Theo van Gogh hebben allebei hun leven verloren doordat ze door mensen als Huberts met de vinger werden nagewezen. De moordenaar van Pim Fortuijn werd hierop niet tot levenslang maar tot achttien jaar veroordeeld en na twaalf jaar al weer op vrije voeten gesteld, waarna hij prompt de Staat der Nederlanden in kort geding wilde dwingen de voorwaarden van zijn voorlopige vrijlating te verzachten.
Dat soort halfzachte behandeling maakt het levensgevaar waarin mensen als Wilders en Fortuijn verkeren onnodig groot. Wilders en Fortuijn hebben of hadden het recht zich te verzetten tegen de gewelddadigheid die de Nederlandse samenleving in zijn greep heeft gekregen sinds onze overheid de immigratie heeft toegestaan van moslims en zware Afrikanen. Mensen die geen enkele toegevoegde waarde hebben voor ons land maar die wel het leven voor de gewone mensen in Nederland moeilijker maken dan nodig is.

Advertenties

Over akasdorp

gepensioneerd advocaat
Dit bericht werd geplaatst in ethiek, geweld, Nederland. Bookmark de permalink .

4 reacties op Willem Huberts

  1. Robert Lopes Cardozo zegt:

    In het Handelsblad van 28 april wordt een interview aangekondingd als: “Fascisme-kenner Willem Huberts; Pagina 14-15″. Daaruit: ” … En als je Wilders uitspraken naast het ‘fascist minimum’ legt, dan zie je dat hij aan alle vier de componenten ervan voldoet”. Zijn promotoren hebben zitten slapen, omdat volgens de nieuwe definitie ‘Nederlandse joden tijdens de oorlog’ bewijsbaar de grootste fascisten moeten zijn geweest. De vier componenten zijn namelijk: 1) onbehagen bij de richting waarin de samenleving zich ontwikkelt; 2) ongenoegen over de eigen plaats in de samenleving; 3) onvrede met besluiten van de leiding van de samenleving en 4) onzekerheid over de toekomst van samenleving en individu.
    Er zou een procedure plus sancties moeten komen voor universiteiten, om de kwaliteit van hun proefschriften te toetsen. Een gepaste straf lijkt mij dat de rector magnificus na een wanprestatie aftreedt (en weer gewoon professor wordt) en een colllega zijn plaats inneemt. Als dat een paar keer per jaar voor komt, krijgt de universiteit een slechte naam.

  2. akasdorp zegt:

    Dat krijg je inderdaad met het soort abstracte onzin als Huberts verkoopt. Niet alleen Wilders maar ook de joden uit de tweede wereldoorlog wordt als fascisten gekwalificeerd!

    • Robert Lopes Cardozo zegt:

      Bas Blokker is een goede journalist. Hij laat de geïnterviewde Huberts in zijn waarde maar stelt wel de juiste vragen. Bijvoorbeeld: “Veel mensen zouden in de definitie van fascisme ook de verheerlijking van geweld verwachten”. Huberts meent dat links toen ook geweld gebruikte, er graag op los sloeg, en van uniformen hield. Dat waren uiterlijke verschijningsvormen, niet wezenlijk voor het fascisme.
      Blokker: “en Racisme?”. Dat was volgens Huberts iets speciaals van Hitler. “Hoewel anti-joodse sentimenten in de samenleving toch bepaald levend waren” nam de NSB de rassenleer en het antisemitisme van de NSDAP aanvankelijk niet over. Mussolini had joodse vrienden.
      Het proefschrift van deze Neerlandicus, waarvoor hij alle ‘fascistische’ gedrukte teksten uit Nederland van voor de oorlog heeft gelezen, heeft de wetenschap een nieuwe definitie opgeleverd, die hij binnenkort op een internationaal congres van wetenschappelijke fascisme-kenners hoopt te verdedigen. Wilders en Breivik moet je volgens hem bij de fascisten indelen, en communisten niet.

      Tot mijn teleurstelling ging de sociologiestudie rond 1970 bijna uitsluitend over definitiekwesties. Wij moesten in het eerste jaar het boek “Moderne Sociologie” van van Doorn en Lammers aanschaffen, en moesten multiple-choise examen doen (met 500 man tegelijkertijd in een gehuurde zaal) over een soortgelijk Amerikaans boek. Honderden woorden die in het woordenboek stonden kregen in die standaardwerken een eigen, precieze sociologische definitie. De bedoeling was dat sociologen voortaan in dezelfde taal dezelfde dingen zouden meten. Vanaf mij 14-de snuffelde ik graag in antiquariaten, en bij De Slechte had ik toen op de afdeling Sociologie voor een belachtelijk laag bedrag enkele vergelijkbare “Inleidingen tot de Sociologie” van andere Amerikaanse universiteiten gekocht. Iedereen had zijn eigen definities verzonnen!. In de sociologische tijdschriften was elk artikel bedoeld om na het vergelijken van definities van anderen met een eigen definitie te komen, en tenslotte nog soms een eigen meting na bijvoorbeeld ingevulde vragenlijsten, of het getalkundig omwerken van statistieken van het CBS. Maar dat was bijzaak.
      Om mijn vader niet teleur te stellen, hij betaalde mijn studie (naast de ruimhartige bijdrage van het Philips-van de Willigenfonds voor studerende kinderen van Philipswerknemers), voelde ik mij verplicht het kandidaatsexamen in de sociologie te halen. De scriptie voor sociologie heb ik in twee dagen in elkaar geflanst. Ik vergeleek socialisme met religie op sociologische wijze. Via de index van de sociologische inleidingen haalde ik tien definities van socialisme en religie die allemaal anders waren, zodat ik daar beredeneerd mijn eigen voorlopige (want wetenschappelijke) mening over kon geven. In de woordrijke inleiding schreef ik wat ik ging doen, en in het uitgebreide slotwoord vatte ik alles nog eens samen. Alle boeken waar ik even in gekeken had kwamen op mijn omvangrijke literatuurlijst. Bij elkaar 15 gestencilde moedervellen. Ik kreeg geloof ik een acht. In de werkgroep waarin mijn scriptie besproken werd ging het over het verband tussen socialisme en religie, waar iedereen een eigen mening over had. Uiteindelijk heb ik niet het einddiploma willen halen omdat ik dacht dat de titel drs. in de sociologie in de toekomst alleen hoon zou krijgen.

  3. akasdorp zegt:

    Dank, Ik vond het een mooi verhaal. Zelf ben ik van het voornemen sociologie te gaan studeren afgestapt toen ik de boekenlijst had bekeken en gehoord had dat niemand die boeken las.

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit / Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit / Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit / Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit / Bijwerken )

Verbinden met %s