Het ontstaan van Nederland.

De belangrijkste staatkundige instituten in Nederland zijn de Ministerraad, de Staten Generaal, de Raad van State, de Rekenkamer en natuurlijk de soeverein, zijne Majesteit.

Nederland is ontstaan in de opstand, de revolutie die uitbrak in 1572 en die in 1579 leidde tot de Unie van Utrecht. Deze eerste stap op weg naar een separate Noord Nederlandse staat werd in 1981 gevolgd door een plakkaat van verlating, het afzweren van de koning van Spanje en pas in 1587, na het vertrek van Leicester, beschouwde unie zich als een nieuwe staat, de Republiek der Zeven Provinciën, meestal kortweg de Republiek, of ook wel Holland genoemd. De instituten die nu het staatkundig leven beheersen stammen met één uitzondering allemaal uit de eerste jaren van de Republiek en hebben wortels in de jaren van haar voorgangster, de Bourgondisch-Habsburgse Nederlanden.
Die uitzondering is de ministerraad, het kabinet, wat een Engelse uitvinding is en dat na de Napoleontische tijd hier werd geïntroduceerd, tegelijk met het koningschap.

Het huis van Oranje, grondwettelijk draagster van de Nederlandse Kroon, is vanaf de aanvang van de revolutie in de zestiende eeuw met de nieuwe staat verbonden geweest, maar niet als soeverein.
Willem van Oranje was hart en symbool van de opstand tegen het Spaans-Habsburgse regime maar hij was een dienaar van de Staten, geen soeverein. De hoogste macht werd uitgeoefend door de Staten Generaal, de vergadering van de Staten van de Provinciën waarin het federale element vooral vertegenwoordigd werd door de raadspensionaris en de stadhouder, respectievelijk het hoofd van de administratie en de opperbevelhebber van het leger. De macht van de stadhouder was een mengeling van institutionele bevoegdheden, persoonlijke invloed en de nationale en internationale reputatie van het huis van Oranje. In feite waren de beginjaren van de republiek een experiment, in een aantal opzichten te vergelijken met het ontstaan van de Europese Unie tegenwoordig. Wij zien nu achteraf wat het geworden is, maar voor de tijdgenoten kon het nog alle kanten op. Alle instituten die later hun vaste plaats kregen hadden in de beginjaren provisorische bevoegdheden, die aan belangrijke wisselingen onderhevig zijn geweest. In de aanvangsjaren was de invloed van de stadhouder groter dan de macht van koning Willem II en al diens opvolgers op de troon.

Het heeft er in de jaren van de Republiek een tijd naar uitgezien dat de Oranjes in Noord Nederland de erkende vorsten zouden worden, zoals het ook een tijd waarschijnlijk is geweest dat zij voorgoed verdwijnen zouden van het toneel. Wat per saldo tot stand kwam was een republiek waarvan de macht stevig in handen kwam van de Staten, maar met de Stadhouder als de meest aanzienlijke persoonlijkheid. Hij hield Hof en dat Hof was het centrum van het civiele leven, de functie die in andere staten van Europa door het koninklijk Hof werd ingenomen. De stadhouder was geparenteerd aan alle Noord Europese koningshuizen en met name nauw verwant aan het Pruisisch Brandenburgse Hof.
Omdat de Zeven Provinciën anderhalve eeuw lang een wereldmacht zijn geweest, was de positie van hun Stadhouder veel belangrijker dan die van de meeste koningen. Het is jammer dat de Oranjes een aantal familieleden van Napoleon hebben geïmiteerd door zich tot koning te laten uitroepen. Koningen waren na de restauratie in het begin van de negentiende eeuw “a dime a dozen”, maar onze Stadhouders zijn altijd uniek geweest.

Advertenties

Over akasdorp

gepensioneerd advocaat
Dit bericht werd geplaatst in geschiedenis, Nederland. Bookmark de permalink .

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit / Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit / Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit / Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit / Bijwerken )

Verbinden met %s