Rechtsstaat en democratie in het Midden Oosten.

Herman Tjeenk Willink en Nikolaos van Dam[1] zijn twee intellectuelen met grote bestuurlijke ervaring. Dat is een soort waarvan we er in Nederland maar weinig hebben en waar we zuinig op moeten wezen. Tjeenk Willink uitte in een uitzending van Buitenhof op diplomatieke manier zijn bezwaren tegen het functioneren van de overheid en de politiek in ons land. Dat zijn bezwaren die men al kon kennen uit zijn jaarverslagen als vicepresident van de Raad van State. Ik deel veel van die bezwaren maar ga daar hier niet verder op in.
Van Dam legde in die zelfde uitzending uit wat precies het probleem in Syrië is en waarom het zo moeilijk oplosbaar lijkt. Syrië heeft, net als de buurlanden, het regime dat het verdient. Het is waar dat de meerderheid van de bewoners zich erdoor onderdrukt voelt en dat gevoel is ook wel terecht. Maar het enige alternatief van het moment lijkt te zijn een dictatuur van de meerderheid en een bloedbad onder de minderheden, ook de minderheden die eigenlijk niets met het geweld van het regime van doen hebben.
De minderheden, maar ook de soennitische bewoners van de grote steden stonden niet te popelen om een burgeroorlog te zien ontstaan, waarvan de uitkomst hoogst onzeker is maar het aantal slachtoffers in elk geval heel groot. De paar duizend doden van het begin zijn intussen kinderspel gebleken, nu de Alawieten de zaak niet snel in de hand hebben weten te krijgen. Het is duidelijk dat ze om de burgeroorlog te winnen nog heel wat meer geweld nodig zullen hebben dan tot dusver is ingezet.
Van Dam achtte het verdwijnen van het onderdrukkende regime onvermijdelijk maar het tijdstip waarop en de omstandigheden waaronder erg onzeker. De westerse mogendheden deden het volgens hem allemaal precies verkeerd en hadden zich zelf uit de positie gemanoeuvreerd waarin ze invloed uit konden oefenen op de gang van zaken. Het was goed zulke dingen uit de mond van een deskundige te horen, vooral nu het verloop van de gebeurtenissen sinds die uitzending hem helemaal gelijk hebben gegeven.
Wie naar de Nederlandse en ander westerse media luisterde de afgelopen jaren kreeg de indruk dat er in Syrië sprake was van democraten die het opnamen tegen fascistische autocraten. Op dezelfde manier en in soortgelijke bewoordingen hadden ze het in de maanden ervoor over Libië. Daar bleek na afloop dat de overwinnaars geen haar beter waren dan de verliezers en dat de Libische, Syrische of de Egyptische bevolking niet zozeer behoefte heeft aan democratie en vrijheid, maar om nu eindelijk eens aan de onderdrukkende in plaats van de onderdrukte kant te staan.
Wie goed naar Van Dam heeft geluisterd begrijpt dat wat wij over Syrië horen een valse voorstelling van zaken is. A pox on both your houses zou het commentaar van iedere onpartijdige buitenstaander horen te zijn, maar om een of andere reden willen we daar niet aan.
Syrië is het prototype van een Arabische samenleving. Die deugt in Syrië evenmin als in het buurland Irak of in het ongelukkige Libanon. Het Sjiitisch–islamistische buurland Iran steunt Syrië omdat het de enige manier lijkt te zijn om haar cliënten in de regio te bereiken. De Arabische liga is Soennitisch en om die reden in sympathie met de opstandelingen. Rusland steunt het Baathregime omdat het dat altijd al gedaan had, vanuit de tijd dat Rusland nog de Sovjet Unie en de Ba’ath-partij nog nationaal socialistisch was.
Wat de westerse landen zouden hebben kunnen doen en wat Assad wel gewild zou hebben is Syrië op weg helpen in de richting van een rechtsstaat. Daar zijn belangrijke krachten tegen, onder andere Assads broer, maar het lijkt wel iets te zijn wat de president zelf zou willen. Dat is een langdurig en moeizaam proces maar wel een noodzakelijk preconditie voor democratie.
Het behoud van de seculiere staat en de vorming van een rechtsstaat. Dat zou men moeten proberen in Syrië en zich laten voorlichten door mensen als Van Dam hoe men dat het beste kan doen.
________________________________________
[1] The Struggle for Power in Syria. Politics and Society under Asad and the Ba’th Party (4th edition), 2011. Suriye’de Iktidar Mucadelesi, Istanbul (Ilitisim Yayinlari), 2000
De Vrede die niet kwam. Twintig jaar diplomaat in het Midden-Oosten, Amsterdam (Bulaaq), 1998 (& Jan Keulen) http://www.nikolaosvandam.com/pdf/book/19870101nvdambook02nl.pdf

Advertenties

Over akasdorp

gepensioneerd advocaat
Dit bericht werd geplaatst in Midden Oosten. Bookmark de permalink .

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit / Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit / Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit / Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit / Bijwerken )

Verbinden met %s