Islam en Hitler Duitsland.

De islam is in een aantal opzichten vergelijkbaar met de godsdienst van de mormonen. Hij is op een zelfde manier een afgeleide van het christendom. Ook de mormonen hebben een nieuwe profeet en nieuwe leerstellingen. Ze hebben op één punt een voorsprong op de moslims en dat is dat Joseph Smith, de stichter, in zijn eigen opvolging heeft voorzien. Niet de feitelijke opvolging door Brigham Young die als een soort Aboe Bakr of Omar de zorg voor de gelovigen op zich nam, maar de institutionele opvolging van een nieuwe profeet in elke generatie, iemand die gemachtigd is de nieuwe leer aan gewijzigde omstandigheden aan te passen. Dat maakte het bijvoorbeeld mogelijk dat de Heiligen der Laatste Dagen de veelwijverij formeel weer konden afschaffen toen die hun voortbestaan in het monogame en christelijke Amerika bemoeilijkte. Dat de islam geen geautoriseerde manier heeft om zich zelf aan de eisen van een veranderende wereld aan te passen is een belangrijke oorzaak van de problemen waar men in de moslimlanden nu mee zit.
Om de islam met het fascisme te vergelijken is een overschatting van het fascisme. Mussolini had bij lange na niet het formaat van de profeet van de islam en zijn leer is terecht al weer haast vergeten. Een vergelijking van Mohammed met Hitler en van de islam met het nationaal socialisme is eerder op zijn plaats, maar natuurlijk niet in ethische zin. Mohammed was een mens met goede en slechte eigenschappen. Hij was geen door zijn volgelingen vergoddelijkt persoon, als Jezus van Nazareth. Dat wilde hij nadrukkelijk zelf ook niet. Maar hij was per saldo niet een slecht mens, zoals Hitler. Wel zijn Hitler en Mohammed te vergelijken, als het om de enorme impact gaat die zij hadden op de wereld om hen heen. Dat die invloed van Mohammed zoveel langduriger is geweest dan die van Hitler is grotendeels toeval. Er waren in de tijd van Mohammed geen mogendheden die vergelijkbaar waren met Amerika en Rusland die aan zijn revolutie een einde hadden kunnen maken. Hitler had zijn oorlog ook kunnen winnen. Zoveel heeft dat niet gescheeld. Dan had hij zijn rijk in de wereld kunnen vestigen. Of het duizend jaar zou hebben geduurd is nu natuurlijk niet meer vast te stellen, maar onmogelijk lijkt het niet.
Men meent dat de vergelijking tussen nazisme en islam niet opgaat vanwege het godsdienstige karakter van de moslimcultuur. Het is juist de combinatie van een serieuze godsdienst en het geweld waarmee hij wordt gepropageerd, die de islam voor de vreedzame mensen in de wereld zo moeilijk aanvaardbaar maakt. De vergelijking met het nazidom is misschien minder beledigend als men bereid is te aanvaarden dat een cultuur gebaseerd op godsdienst niet wezenlijk hoeft af te wijken van een cultuur die gebaseerd is op een sociobiologisch[1] concept. Gelovigen en ethici wijzen zo’n vergelijking van de hand maar dat geldt niet voor sociologen voor zover die alle culturen in beginsel als gelijkwaardig beschouwen en feitelijke oordelen laten prevaleren boven normatieve.
Het Derde Rijk was een Duits rijk, geen wereldrijk. Hitler’s conceptie van de wereld was een verzameling van hiërarchisch gerangschikte culturele eenheden [2] met aan het hoofd het Duitse Volk. Dat volk moest verenigd worden in één staatkundige organisatie, het Rijk, en onder één leider, de Führer, te weten hij zelf. De plaats boven aan de hiërarchie moest met militaire, culturele en economische prestaties worden afgedwongen.
Dit völkische concept stond tegenover het kosmopolitische idee van de Verlichting, de liberté, égalité en fraternité van de Franse revolutie en het alle Menschen werden Brüder van de romantiek.
Hitler had een afkeer van de wereld van de mensenrechten, het individualisme en de Volkenbond, hij prefereerde de hechte Duitse wereld van zijn jeugd, die hij aangetast zag door de multiculturele samenleving die hij in het Wenen van vóór de eerste wereldoorlog had meegemaakt.
Een wereld waarin Tsjechen en Joden gelijkberechtigd zouden zijn aan een fatsoenlijke Duitse Biedermann uit Linz stootte hem af en het stootte op dezelfde manier ook de grote Duitse middenklasse van Midden Europa af.
Duitsland heeft vóór de Weimarrepublik niet of nauwelijks een democratische geschiedenis gehad. Hitler was dan wel een revolutionair, maar juist niet op het punt van het nationalisme. Daarmee stond hij met twee benen in een Duitse traditie. Het Duitsland van de Keizer was geen democratie, niet als samenleving en niet als staatkundig systeem.
De macht van de keizers berustte niet op een grondwet die door een soeverein volk was opgesteld en aanvaard, niet op de volkswil dus, maar op de macht van het Pruisische leger en het Pruisische ambtenarenapparaat. Het waren Bismarck en zijn ambtenaren die in 1870 het rijk ten koste van Frankrijk en Oostenrijk en tegen de zin van de interne Duitse tegenstanders in het leven hadden geroepen[3]. Ook Oostenrijk was geen democratie, niet voor en niet na 1918. Beide Duitse landen zijn pas in de democratische westerse samenleving opgenomen na de tweede wereldoorlog. Vóór de eerste wereldoorlog waren het varianten van de Westerse samenleving, niet democratisch, ook niet totalitair, maar met een eigen vorm van de bureaucratisch-monarchale rechtsstaat[4].
Dat element wilde Hitler behouden, of liever gezegd herstellen, want de Weimar Republiek was een van buiten opgelegd democratisch experiment waar de meeste Duitsers een uitgesproken hekel aan hadden. De bureaucratische rechtsstaat heeft Hitler zoveel mogelijk intact gelaten. Natuurlijk, iedereen in Duitsland wist waar de SA en later de SS en de Gestapo toe in staat waren. De dreiging was reëel en voor de Joden en anderen die niet in de Duitse cultuurkring werden aanvaard, werd de dreiging uitgevoerd. Maar daarbinnen functioneerde het ambtenarenapparaat en de rechterlijke macht in grote lijnen zoals onder de keizer[5]. Dimitrov[6] de Bulgaar, werd vrijgesproken en voor de volmachten die Hitler nodig had haalde hij een wettige parlementaire meerderheid.
Had hij dat niet gedaan dan is het ook zeer de vraag of hij het leger en de ambtenaren had meegekregen in zijn oorlogsavonturen. De geweldige militaire macht die Duitsland in de jaren negenendertig tot twee-en veertig ontwikkelde kwam niet voort uit de nazi ideologie of de terreur van de SS. Die kwam voort uit de voortreffelijke organisatie van het leger en uit de door ambtenaren gereguleerde Duitse oorlogsindustrie. Ambtenaren, militairen en ondernemers werkten vrijwillig mee omdat Duitsland legitiem in de handen van Hitler was geraakt. Hij was benoemd door de oude Hindenburg en wettig kanselier geworden van het herstelde Duitse rijk.
Het terreurregime dat tegen de Joden en andere echte[7] of ingebeelde vijanden van het volk werd uitgeoefend vormde een staat binnen de staat. De gewone Duitser had daar niets mee te maken en wilde er ook niets mee te maken hebben als hij uit de verte zag wat er gebeurde. Niet omdat hij in principe anders dacht over Joden en Tsjechen dan Hitler, maar omdat het er in de kampen zo onbeschaafd toeging.
Hitler kan gezien worden als de man die uit het sociodarwinistische nationalisme de logische consequenties trok. Hij nam van het christendom en de middeleeuwen veel rigoureuzer afstand dan de verlichting dat deed en bouwde een alternatieve moderne samenleving op. Die samenleving miste de ethiek van christendom en verlichting maar de industrialisatie, de ondernemingsgewijze productie en de Duitse organisatie van economie en samenleving maakte het Hitlerrijk tot een geduchte tegenstander van de westerse wereld.
We kunnen dankbaar zijn dat die samenleving met zijn Unter- en Übermenschen er niet gekomen is, althans niet voor langer dan twaalf jaar. De vernietigingskampen waren niet een aberratie van een krankzinnige antisemitische tapijtenvreter. Het was weloverwogen politiek. Milosevitch en Mladitch waren veel meer dan de meeste mensen zich realiseren de leerlingen van Hitler. Ethnic cleansing en onderwerping van anderen is een onvervreemdbaar onderdeel van de Hitleriaanse wereldbeschouwing. Hij zag als Oostenrijker uit de Habsburgmonarchie Joden als een aparte etniciteit. Hij had gezien hoe zij onder de Habsburgers met de Tsjechen en andere Slavische volkeren tegen de Duitsers in het krijt traden en met hen streden om de voorrang in het Habsburgse Rijk. De Joden waren vanuit zijn etnische visie op de wereld potentiële wereldmachthebbers. De strijd tegen hen was naar de mening van Hitler voor de Duitsers en hun broedervolken in Noord Europa een strijd op leven en dood. En daar had hij vrede mee. Zo hoorde het. Het leven was in zijn ogen nu eenmaal een strijd op leven en dood. Dat verklaart ook zijn onwil om toen de oorlog eenmaal verloren was er voor Duitsland het beste van te maken. De beste had gewonnen, hij had gegokt en verloren. Maar zolang zijn rijk overeind bleef, was het een reëel en afschrikwekkend alternatief geweest voor de westerse humanistische beschaving.

[1] Hitlers nationalisme was in de kern Darwinistisch. De lijnen in zijn gedachtewereld naar Spencer en Darwin zijn onmiskenbaar.
[2] De begrippen völkisch en Rasse zijn niet door de nazi’s uitgevonden. Ze deden in de negentiende eeuw overal in Europa opgeld en hadden vóór het ontstaan van de malle Blut und Bodentheorieën van Rosenberg c.s. meer een culturele dan een genetische connotatie. Joseph Chamberlain, de Engelsman en de Franse graaf Gobineau kunnen als voorlopers van de Duitse rassenleer worden beschouwd.
[3] Tot die tegenstanders behoorde behalve de Beierse koning ook de nieuwe Duitse keizer, die heel goed inzag dat het nieuwe rijk ten koste ging van het koninkrijk Pruisen waaraan hij meer gehecht was dan aan een voor hem nog abstract concept Duitsland.
[4] Max Weber, die zelf ook geen democraat was, beschrijft die samenleving helder in zijn politieke geschriften.
[5] Vanaf 1939 heerste er oorlogsrecht, wat een opschorting van veel burgerlijke rechten impliceerde en de rijksoverheid grote bevoegdheden gaf, maar deze waren niet wezenlijk anders dan tijdens 14-18.
[6] De communist Dimitrov werd gearresteerd in verband met de Rijksdagbrand en was voor de Nazi’s eigenlijk geschikter als verdachte dan Van der Lubbe. Maar hij hield zich tegen de Nazi’s te goed overeind om door de rechter te kunnen worden veroordeeld.
[7] De echte vijanden waren de socialisten en communisten maar, aangetrokken door het nationalistische element in de nazi leer, boden zij veel minder weerstand dan verwacht. De binnenlandse weerstand tegen de nazi’s is alles bij elkaar te verwaarlozen geweest.

Advertenties

Over akasdorp

gepensioneerd advocaat
Dit bericht werd geplaatst in geschiedenis. Bookmark de permalink .

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit / Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit / Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit / Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit / Bijwerken )

Verbinden met %s