Strafbaarheid van onaangename uitspraken.

Frank Ankersmit vond in de NRC van Vrijdag 29/5/09 dat straffen van een Holocaustontkenning niet op zijn plaats is. Hij beriep zich daarbij op Locke’s Letters concerning Toleration.
Partijleider Rutte van de VVD bedoelde waarschijnlijk iets soortgelijks toen hij op de vraag van een journalist antwoordde dat hij inderdaad vond dat die ontkenning uit het strafrecht moest.
Dat was niet verstandig. Om te beginnen staat die ontkenning niet in het Wetboek van Strafrecht en ook niet in een andere Nederlandse wet. Maar zij kan op basis van het vigerende strafrecht vervolgd worden als de rechter uit de context een belediging of het delict van haatzaaien af kan leiden. Ondermeer naar aanleiding van het besluit om Wilders te vervolgen voor zijn vraag of we meer of minder Marokkanen wilden in Nederland, vond Rutte dat al dit soort strafvervolgingen onmogelijk moesten worden gemaakt met een verwijzing naar artikel 1 van de grondwet.
Ik zelf vind van het onderwerp ongeveer het volgende:
Het ontkennen van de Holocaust is onsmakelijk, zoals bijvoorbeeld ook het eten van dode mensen of het hebben van seksuele gemeenschap met dieren dat is. De Shoa of Holocaust heeft bewijsbaar plaats gevonden en men kan hoogstens praten over het exacte aantal slachtoffers. De ontkenning schendt een taboe in onze samenleving. Taboeschendingen dienen alleen plaats te vinden met een duidelijk en aanvaardbaar doel, bijvoorbeeld omdat het taboe schadelijk werkt.
Het strafrecht dient om de belangrijkste ethische normen in de samenleving te handhaven en te bevestigen. Taboes horen zich zelf te handhaven en wetenschappelijke theorieën ook.
Zoals Hannah Arendt gezegd heeft op een aantal verschillende plekken in haar werk, is een publieke uiting wel degelijk een handeling die de samenleving kan veranderen. Ik heb haar ideeën over het onderwerp hoger dan die van Locke, die over publieke uitspraken zei: penalties in this case (straffen voor uitspraken waar men het niet mee eens is) are absolutely impertinent because they are not proper to convince the mind. Dat lijkt mij een niet concludente redenering. Straffen kunnen een ethische of juridische regel versterken ook al wordt de betrokkene of een derde er niet door overtuigd.
Aanzetten tot haat en belediging mag van mij vervolgd worden, mits helder gedefinieerd: een uitspraak hoort, wil zij vervolgd kunnen worden, geen ander denkbaar doel te hebben dan in het eerste geval om mensen in beweging te krijgen om anderen kwaad te doen en in het tweede om de personen tegen wie zij is gericht te kwetsen en vernederen.
Ankersmit heeft in eerdere artikelen in dezelfde krant blijk gegeven van een opvatting over het verschil tussen publieke en private sfeer, die afwijkt van wat eerdere geleerden daarover hebben betoogd. Arendt wijdt in haar The Human Condition een hoofdstuk aan dat onderscheid (hfdst. 4). Mijn voorkeur gaat uit naar Arendt
Rutte is geloof ik een aardige man, maar maakt politiek wel eens uitglijders. Hij had gereageerd op een vraag van een journalist en in het programma van Andries Knevel was hij er maar zelf over begonnen om volgende vragen voor te zijn. Hoe onnozel kun je zijn? Hij had de vraag niet horen te beantwoorden maar in de aanval moeten gaan. Mijnheer, vindt U dat neuspeuteren strafbaar moeten worden gesteld? Nee, maar wel toch als je iemand dwingt om het doen? Zoiets. De journalist van het onderwerp afleiden, want het is politiek gesproken dynamiet, juist omdat het een taboe is.

Advertenties

Over akasdorp

gepensioneerd advocaat
Dit bericht werd geplaatst in ethiek, strafrecht. Bookmark de permalink .

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit / Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit / Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit / Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit / Bijwerken )

Verbinden met %s