Genetisch in het Midden Oosten.

Wie door het Midden Oosten reist valt in Israël de relatieve lelijkheid van de steden en de gebouwen op. Natuurlijk, Jeruzalem – ook het moderne gedeelte – is mooi omdat daar overal met dezelfde plaatselijke natuursteen gebouwd is. Het landschap is er heuvelachtig. Dat geldt ook voor Haifa, maar dat was vanouds een Arabische stad. Buitenlandse architecten zetten op andere plekken in Israël ook wel eens mooie dingen neer, maar dat bepaalt het stedelijke landschap niet. Arabische steden en dorpen zijn veel mooier. Er ligt meer rommel, dat daar in het droge klimaat ook langer blijft liggen dan het hier zou doen, maar de huizen zijn mooi en de dorpjes schilderachtig. De Arabische bouw is over het algemeen lowtech maar ziet er goed uit. Tel Aviv is modern en levendig, er gebeurt van alles, maar een mooie stad is het zeker niet.
Ook wie uit eten gaat in Israël, doet er goed aan een Arabisch restaurant uit te zoeken. Op de hygiëne houden de Israëli’s toezicht, vermoed ik, en dat is misschien ook wel nodig, maar het eten is een stuk beter in de Arabische restaurants en de mensen zijn er hoffelijker. De verschillen tussen Arabieren en joden zijn groot, ze vallen iedereen op die er voor het eerst komt.

De joden, binnen en buiten Israël, hebben een grote reputatie op een aantal terreinen van de cultuur. Onder de twintig beste schakers van de wereld vindt je meer Joden dan vertegenwoordigers van andere etnische groeperingen. Hoogleraren, auteurs, artsen, advocaten, bankiers, natuurwetenschappers, musici, daarvan zijn er buiten iedere proportie veel joods. Beeldende kunstenaars niet. Ze zijn er wel, soms ook hele goede, zoals Kandinsky bijvoorbeeld, maar naar verhouding tot hun prominente aanwezigheid op andere terreinen van het culturele leven zijn het er weinig. Componisten opvallend veel minder dan uitvoerende musici. Wel een Mahler, maar geen Shostakowitch of Bartok en geen enkele Bach of Mozart. In vergelijking tot het krankzinnig grote aantal joodse Nobelprijswinnaars in de laatste anderhalve eeuw valt het relatieve gemis aan grote componisten en architecten op. Dat zich onder Joden veel begaafde mensen bevinden is geen nieuw thema, maar over het verschil in hun relatieve competenties wordt niet gesproken.

Wat we met zo’n constatering moeten weet ik ook niet. Niet veel vermoed ik, maar ik vind het toch jammer dat het Hitlertrauma wetenschappers ervan af houdt onderzoek te doen op het terrein van de etnische verschillen. Er zijn ook zonder onderzoek wel theorieën over te verzinnen, maar die hebben dan alleen waarde als discussiestof voor vrienden aan de borreltafel.
Voor een subcultuur die eeuwenlang niet aan het publieke leven deel heeft kunnen nemen ligt specialisatie op “huiskamer”kunsten en wetenschappen voor de hand. De literaire interesse zal wel samenhangen met de thoratraditie; vrije beroepen stonden open voor joden toen ze uit andere functies nog werden geweerd en dat geldt ook voor het bankiersvak. De militaire specialisatie zal wel een kwestie zijn van het heilige moeten toen Israël na zijn oprichting aan alle kanten door de Arabieren werd bedreigd, maar net als alle andere theorieën, ook deze blijven zonder onderzoek beweringen waar we niet zoveel mee kunnen.

Ik zou onderzoek op dit terrein met name interessant vinden omdat meer inzicht in wat cultureel bepaald is en wat genetisch in de competentie van groepen, van groot belang zou kunnen zijn voor de manier waarop we met culturen omgaan.

Een van de theorieën waar wel enig onderzoek naar gedaan is, maar niet zoveel dat het al handen en voeten heeft, is dat op de lijst van de gemiddelde IQ’s van de diverse etnische groeperingen in de wereld de West Europeanen heel gemiddeld scoren, de joden heel hoog – dat verbaast niemand, neem ik aan – maar ook de Eskimo’s heel hoog en de Arabieren ongeveer net zo hoog als de joden.

Als waar zou zijn dat de individuele begaafdheid van joden en Arabieren niet veel uiteen loopt en dat is ook om andere redenen wel een plausibel verhaal, hoe komt het dan dat de Arabische cultuur zo opvallend laag produceert? Voor het begin van de Koreaanse oorlog in 1950 lagen de gemiddelde inkomens in Arabische landen, zoals Egypte, ongeveer op het niveau van Zuid Korea en andere landen van Zuid Oost Azië. Nu is Zuid Korea even welvarend als Europa en blijven de Arabische landen achter bij de Oost Europese landen en bij Thailand en Cambodja. Daar moet toch een verklaring voor zijn.

Een tijd geleden voer ik mee met een vrachtboot die kunstmest moest laden in een haven in Algiers. Dat duurde drie volle dagen, er kwam een ploeg van twintig en soms dertig werklui voorzien van vrachtauto’s en een hijskraan aan te pas. Het laden kwam alleen nog voor het weekend klaar door extra betaling en overwerk. Diezelfde vracht werd door drie Franse havenarbeiders van zichtbaar Algerijnse afkomst uitgeladen en opgeslagen in een pakhuis op maandagochtend, met ongeveer hetzelfde materieel als in Algerije ter beschikking stond. Zelfde soort mensen, zelfde soort materieel, zelfde lading, zestig keer zoveel arbeidsuren. Geen wonder dat er in de Arabische landen overal werkloosheid is en de welvaart er daalt in plaats van stijgt, maar genetisch bepaald is dat niet, dat is duidelijk.

Advertenties

Over akasdorp

gepensioneerd advocaat
Dit bericht werd geplaatst in Midden Oosten. Bookmark de permalink .

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit / Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit / Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit / Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit / Bijwerken )

Verbinden met %s