Brusselse illusies.

Een discussie die straks van grote invloed zal zijn op de Europese verkiezingen gaat over de vraag of Nederland beschouwd moet worden als een provincie van Duitsland en Duitsland als een regio in Europa. Of dat er, zoals Baudet en zijn medestanders zeggen, sprake is van nationale gemeenschappen, die elk behoefte hebben aan een grote mate van autonomie.
Het antwoord lijkt me te zijn dat we hier met een valse tegenstelling te maken hebben. De meeste publieke zaken zijn in Nederland op nationale schaal georganiseerd, daarin zijn we autonoom. Maar de verbindingen met het buitenland zijn heel frequent en voor de welvaart ook noodzakelijk. Onze autonomie bestaat onder meer hier uit, dat we op een aantal terreinen vrijwillig samenwerking zoeken met anderen. Meestal met onze buren, maar als het nodig is ook met landen aan de andere kant van de wereld.
Geld is het smeermiddel van de internationale ruil van goederen en diensten. Het geldverkeer is kwetsbaar gebleken in de crisis van 2008. Het ligt dus voor de hand dat we het toezicht op het internationale geldverkeer gaan verbeteren. Daarvoor is het nodig dat we in gezamenlijk overleg maatregelen nemen die de kredietverlening veilig stellen en de gezondheid van banken kunnen garanderen. De bankenunie en het noodfonds vormen daar onderdeel van maar betere buffers bij de banken zijn waarschijnlijk minstens zo belangrijk.
Roodenburg stelt in een artikel in de Volkskrant[1] dat Nederland zijn monetaire autonomie al kwijt was sinds het moment dat Lubbers in de tachtiger jaren de pariteit met de D-Mark wilde veranderen, omdat toen de werkeloosheid hier groter was dan in Duitsland. Duitsland was toen, net als nu het land met de hardste munt. Het kon om die reden internationaal de laagste rentes bedingen. Nederland liftte mee en dat hield plotseling even op toen men zich in het buitenland realiseerde dat wij konden devalueren tegenover de D-Mark. De nadelen van de devaluatie bleken toen snel groter dan de voordelen en die werd daarom teruggedraaid.
Betekent dit dat we toen al geen monetaire autonomie meer hadden en dat daarom die hele autonomie discussie een achterhaalde zaak is?
Is het voor landen als Griekenland in 2008 een voordeel geweest om geen eigen munt meer te hebben? Integendeel. De Zuidelijke EU landen en vooral Griekenland hadden de vraag om wel of niet te devalueren anders moeten beantwoorden dan wij indertijd gedaan hebben. Nederland en Duitsland zijn economisch erg verweven. Griekenland heeft een economie die qua efficiency enige tientallen percenten achter blijft op die van Duitsland. Griekenland zou juist wel baat gehad hebben bij een devaluatie. Al die loonsverlagingen en andere zware bezuinigingsmaatregelen zouden in een klap geregeld zijn door een devaluatie. Het land zou zich geen zorgen hebben hoeven maken over slechtere leningsvoorwaarden als gevolg ervan. Die slechtere voorwaarden had het dan toch al gehad en terecht.
Indertijd bij de invoering van de euro zijn we er in Europa van uit gegaan dat het hebben van dezelfde munt de minder efficiënte landen wel zou dwingen hun economische politiek aan te passen en hun efficiency te verhogen. Dat is de grote illusie van Duisenberg gebleken. Griekenland heeft van de betere leningsvoorwaarden binnen de eurozone gebruik gemaakt om ver boven zijn stand te gaan leven en zit nu met de brokken. Het punt is dus dat Griekenland wel degelijk een vorm van monetaire autonomie blijkt te hebben behouden. Door zich in de euro te verschuilen is dat een aantal jaren lang verborgen gebleven voor de financiële markten. Toen het aan het licht kwam waren de gevolgen veel ernstiger dan zij geweest zouden zijn als die autonomie eerder was onderkend.
Hetzelfde gold indertijd eigenlijk voor het besluit van Lubbers. We waren monetair autonoom maar door de financiële wereld daar met de neus op te drukken verloren we onze hoge status, die van Duitsland afhankelijk bleek te zijn. Dat was een verkeerde keus, maar het was natuurlijk wel een keus. Griekenland en andere Zuidelijke landen hebben bewezen dat ook met een gemeenschappelijke munt niet alle autonomie verdwenen is. Economische politiek is meer dan alleen monetaire politiek en bovendien is de economie van een land niet alleen van zijn overheid afhankelijk.
De vraag die de afgelopen tien jaar werd gesteld is of we de bestaande nationale autonomie bewust gaan afbouwen door meer beslissingsbevoegdheid aan Europa te geven of dat we accepteren dat landen op hun eigen niveau georganiseerd willen blijven en dat de samenwerking op vrijwillige basis plaats vindt. Dat lijkt me de echte discussie te zijn. Dat de nationale autonomie intussen al een gepasseerd station zou zijn is een Brusselse illusie.

[1] 24/1/14

Advertenties

Over akasdorp

gepensioneerd advocaat
Dit bericht werd geplaatst in europa. Bookmark de permalink .

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit / Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit / Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit / Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit / Bijwerken )

Verbinden met %s