Kosovo

De laatste Balkanoorlog waar West Europa in betrokken raakte was de oorlog om Kosovo.
Kosovo en Metohija zijn Servische provincies, maar de nog geen twee miljoen mensen die daar wonen zijn in hoofdzaak moslim Albanezen. Sinds juni 1999 is Kosovo de facto onafhankelijk en heeft Servië er niets meer te zeggen. Deze onafhankelijkheid is door de meeste leden van de VN erkend, ook door de westerse landen.
Op 22 juli 2010 oordeelde het Internationaal Gerechtshof dat een eenzijdige onafhankelijkheidsverklaring niet noodzakelijk in strijd komt met het volkenrecht. In 1999 kreeg Kosovo een VN bestuur dat negen jaar later de macht overdroeg aan een lokale regering. Erg competent heeft die regering zich nog niet getoond. Het land blijft arm en onrustig. De minderheden zijn praktisch allemaal verdwenen, maar ook veel Kosovaren trekken nu weg. Als je terug kijkt was het waarschijnlijk beter geweest de Kosovo oorlog niet te voeren maar druk op de Serven uit te oefenen om tot een vreedzame regeling van hun conflict met de moslims te komen.
Een emigratie van onwillige Kosovaren naar Albanië was ook een betere en in elk geval een goedkopere oplossing geweest en dan waren de Serviërs in het bezit gebleven van een gebied, waar zich een belangrijk deel van hun geschiedenis heeft afgespeeld.
Hier in West Europa weten we niet veel van de geschiedenis van de Balkan. Dat geldt niet alleen voor Kosovo en Albanië maar ook voor Griekenland, Bulgarije en Servië. Dat zijn allemaal jonge staten maar oude landen.
Griekenland wordt hier gezien als een voortzetting van het klassieke Griekenland van Pericles en Aristoteles. Maar daar heeft het in wezen even weinig mee te maken als Brazilië met het West Romeinse rijk. Het heeft hetzelfde alfabet, maar daar blijft het bij. Het is een van de Ottomaanse opvolgersstaten en de bewoners stammen af van orthodox christelijke kooplui uit alle delen van het oude Turkse tijk. Het lijkt veel meer op Syrië of Irak dan op een West Europees land. Maar Servië, Griekenland en Bulgarije zijn wel christelijk en dat zijn Albanië en Kosovo niet. Waarschijnlijk is dat trouwens de reden geweest dat Amerika een ingrijpen in Kosovo heeft doorgedrukt. Men wilde daar een wit voetje halen bij de moslimlanden in het Midden Oosten. Van dat witte voetje is trouwens weinig meer te merken. Moslimstaten blijven Fremdkörper, dat is in de nasleep van de Kosovo oorlog wel gebleken.
Servië is een land dat in het begin van de middeleeuwen, ergens tussen de achtste en de negende eeuw is ontstaan onder de naam Rascia. Rascia lag tussen Ravenna in Italië en Skopje in Macedonië. De hoofdstad was Ras. Die stad bestaat nog steeds en ligt 40 km ten noorden van Kosovo.
Servië werd een koninkrijk in 1170 toen de Nemanjic-Stefanovici als vorsten werden gekroond door de keizer van Byzantium. Zij kozen tot hun hoofdstad Prizren, in het tegenwoordige Kosovo. Veel van het land was in het bezit van de kerk, de Grieks orthodoxe dus. Metochia zoals het daar ook wel wordt genoemd betekent letterlijk Land van de Kerk. Een van de redenen waarom Servië zo aan het gebied is gehecht, is omdat het oudste historische grondgebied van hun land is.
De Servische ‘keizer’ Dusan[1], die een land regeerde dat gelegen was tussen de vier zeeën, de Zwarte, de Egeïsche, de Thyreense en de Adriatische, noemde dat het rijk van alle Serviërs, Grieken, Arnauten en Arbanassen. Hij was Grieks van moeders kant en van Servische afstamming via zijn vader. Een aantal vrouwen uit zijn familie zijn aan de Albanese en Russische adel uitgehuwelijkt. De wapenschilden van Servië, Rusland en Albanië hebben daarom alle drie de dubbelkoppige adelaar die van oorsprong Byzantijns is.
Dusan regeerde in de 14de eeuw en de twee hoofdsteden van zijn rijk waren Skopje en Serres. Serres ligt in Noordoost Griekenland[2]. Het was in diezelfde eeuw dat op het slagveld van Kosovo de opmars van sultan Osman werd gestuit. Een leger van 100.000 Serviërs voerde slag tegen 300.000 Turken. De Serven leden wel een nederlaag maar het resultaat was dat verovering van Europa door de Turken voorlopig werd gestaakt. Het Servische rijk werd in het Turkse geïncorporeerd.
De verhouding tussen de verschillende etniciteiten is onder het Turkse bewind altijd moeilijk geweest. De Slaven op de Balkan leefden vooral als boeren in de vruchtbare valleien bij de rivieren. De Grieken leefden in de steden en de Albanezen waren rondtrekkende nomaden. Serven waren wel niet rijk, maar zij hadden toch in het algemeen ruim voldoende om van te leven. Zij bouwden stenen huizen en kerken. Alleen al in Kosovo en Metochia stonden er vroeger 1300 Servisch-orthodoxe kerken en kloosters. De Albanezen trokken met hun kudden van schapen en geiten door de bergen. Ze leefde in tenten en andere tijdelijke behuizingen. Er zijn geen Albanese monumenten bekend. De vroegste documenten die zicht geven op de etnische samenstelling van Kosovo zijn de kloosterregisters uit de 13e en de 14e eeuw. Daaruit zou moeten blijken dat destijds ongeveer 2 procent van de bevolking Albanees was, maar hoe nauwkeurig de registers t.a.v. de rondtrekkende nomaden waren is niet duidelijk. Na de Osmaanse verovering van Griekenland en Bulgarije trokken veel Albanezen naar het toen nog Servische Kosovo en Metochia. Toen men daar later ook onder Turkse juk door moest, verruilden de Albanezen massaal het christendom voor de islam.
In dezelfde tijd trokken veel Serviërs, na een paar mislukte opstanden, uit Kosovo naar het Noorden. Van Servisch-orthodox werd Kosovo langzaam in meerderheid Albanees en moslim, al hebben de bevolkingsgroepen elkaar eeuwenlang aardig in evenwicht gehouden.
De grote Albanese meerderheid in Kosovo is van vrij recente datum. Zij is het product van de anti-Servische bevolkingspolitiek onder de Italiaan Mussolini en de Kroaat Tito. Onder Mussolini kregen de Albanezen een vergroot Albanië, waar ze de gelegenheid hadden om in Kosovo wonende Serven te verdrijven en te vervangen door immigranten uit Albanië. Na de tweede wereldoorlog werd Joegoslavië een communistische republiek onder de Josip Broz of Tito[3]. Die had begrip voor de Albanezen. Na afloop van een serie etnische onlusten in de jaren ’60, verleende hij hun in 1974 een vorm van autonomie. Hij verbood de Servische verdrevenen terug te keren, terwijl de immigratie van Albanezen gewoon verder ging. Zo hebben de Serven in de zeventiger jaren hun meerderheid in Kosovo definitief verloren.
De Albanezen wonen sinds mensenheugenis in een gebied dat ongeveer het tegenwoordige Albanië omvat. Ze zijn te onderscheiden in Zuid- en Noord Albanezen, of ook wel Tosken en Gegen. Zij spreken de Toskisch en Gegisch, de twee talen die samen het Albanees gevormd hebben. Pas in 1972 werd er een officiële Albanese taal ingevoerd, die voornamelijk gevormd is uit het Toskisch. Tegenstanders van het unitarisme, vooral natuurlijk Gegen, accepteerden de hun opgelegde nieuwe taal niet, omdat die zijn bestaan te danken had aan de autoritaire communistische partij die vooral uit Tosken bestond. Hoe dan ook, het gaat om een taal die de gemiddelde ‘Albanese Kosovaar’ moeilijk verstaat en amper spreekt. In Kosovo spreekt men een taal die ze Skip noemen, en zich zelf noemen ze zich nog steeds Skipetaren[5].
Het Skip is een mengtaal van Servo-Kroatisch, Turks, Albanees, Macedonisch, Grieks en Romane. Romane is de taal van de Roma, mensen die wij hier zigeuners noemen. Skipetaren claimen dat alleen zij het correcte Albanees spreken, terwijl de Tosken en Gegen een dialect spreken van hun Skipetaars.

De Albanezen claimen sinds de val van het communisme een Illyrische afkomst. Waarschijnlijk gebeurt dat omdat de Illyriërs het oudst bekende volk op de Balkan zijn. Een nadeel van deze theorie is dat de Illyriërs geen vindbare sporen achtergelaten hebben die deze theorie zouden kunnen onderbouwen. Archeologen die in het gebied hebben gewerkt, hebben er alleen Dardaanse artefacten gevonden naast de bekende Griekse, Romeinse, Byzantijnse en Slavische overblijfselen. Voor de slag op het Merelveld[6] waren er geen Skipetaren bekend als inwoners van Kosovo. Er zijn geen Byzantijnse, Servische, Roemeense, Bulgaarse of Turkse documenten die steun geven aan de Albanese claim.
De slag op het Merelveld (het Servische woord kos betekent merel of lijster), was de tweede keer dat het orthodoxe christendom in aanvaring kwam met de islam. Hoewel die slag een centrale rol speelt in Servische heldensagen vochten er niet alleen Serviërs, maar ook Hongaren en Albanezen tegen de Ottomanen[7].
Het aantal doden in de slag was zo groot dat in eerste instantie niemand wist wie er gewonnen had. In Parijs werden de klokken van de Notre Dame geluid om de overwinning van het christendom te vieren. Maar de geschiedenis leert anders. De Turken waren voortaan heer en meester op de Balkan en de gevolgen daarvan zijn tot op de dag van vandaag merkbaar.
Met de komst van de Islam zien we de eerste migranten uit Albanië naar Kosovo komen en begint de relatie tussen Albanezen en Serviërs te verslechteren. De laatsten hebben sterk verzet geboden daarin gesteund door de twee Patriarchaten Prizren en Pec.
De afscheiding van Kosovo betekende nieuw onrecht voor de daar wonende minderheden. Dat is onvermijdelijk. Afscheidingsbewegingen zijn op hun best het minste kwaad, maar bijna altijd komen er meer problemen van dan er door opgelost worden. Dat geldt ook voor Kosovo dat beter af was geweest als het gewoon deel van Servie was gebleven.

[1] 1308 – 1355.
[2]https://www.google.nl/maps/place/Serres,+Griekenland/@41.112868,22.5666745,8.75z/data=!4m5!3m4!1s0x14a9023c4d15c197:0x300bd2ce2b9c370!8m2!3d41.0966873!4d23.4776098
[4] Tito heeft om onbegrijpelijk redenen altijd een goede pers gehad bij het progressieve deel van de bevolking in West Europa. Tito en Franco overleden ongeveer tegelijkertijd. Onze premier Den Uijl wilde om ideologische redenen niet naar de begrafenis in Spanje, maar toen hij te laat bleek voor het regeringsvliegtuig dat naar de begrafenis van Tito ging heeft hij in allerijl een ander vliegtuig gecharterd en is daarmee het regeringsvliegtuig achterna gereisd.
[5] In West Europa vooral bekend uit Karl May’s Kara ben Nemsi, Durch das Land der Skipetaren.
[6] 1389
[7] De Turken voelden zich sterk omdat het westerse christendom verdeeld was aangezien er in die tijd twee Pausen waren, een in Rome en een in Avignon.

Advertisements

Over akasdorp

gepensioneerd advocaat
Dit bericht werd geplaatst in Balkan, geschiedenis. Bookmark de permalink .

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit / Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit / Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit / Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit / Bijwerken )

Verbinden met %s