Enquête Srbrenica

Minister Joris Voorhoeve, samen met premier Kok verantwoordelijk voor Srbrenica, besloot in 1995 om niet af te treden. Dat hadden Kok, zijn minister president en Bolkestein, zijn politieke leider, hem afgeraden, zei hij later. Waarom Kok dan zoveel jaren na dato zelf wel was afgetreden was hem niet duidelijk.
Op dat laatste punt kunnen we het met hem eens zijn. Kok heeft wel erg lang gewacht met aftreden. Vooral eigenlijk, omdat het rapport van het NIOD, dat hem daartoe bewoog, geen nieuws bracht. Het bevestigde juist wat Kok al negen jaren tegen het Nederlandse volk gezegd had: ons treft geen blaam! Als hij gewacht had omdat hij het rapport niet wilde beïnvloeden, dan wachtte hij vergeefs. Het rapport deed weinig anders dan in erg veel woorden het beeld overnemen dat Kok van de gebeurtenissen had geschilderd.
Bart Tromp, in leven columnist van Het Parool, heeft naar aanleiding van het aftreden van Lord Carrington, een Britse minister van buitenlandse zaken, ooit uitgelegd wanneer een minister zijn biezen hoort te pakken: wanneer er onder zijn verantwoordelijkheid een politieke of bestuurlijke blunder heeft plaats gevonden. Niet alleen wanneer hij zelf een fout gemaakt heeft, zelfs niet uitsluitend wanneer een van zijn ambtenaren dat gedaan heeft. Maar bij iedere gelegenheid dat er iets spectaculair fout gelopen is in een zaak die tot zijn portefeuille behoort. Srbrenica is een mooi voorbeeld van wat Tromp bedoelde. Spectaculairder kan er nauwelijks iets fout gaan.
Premier Kok, Joris Voorhoeve en het NIOD rapport behandelden het gebeurde alsof alleen het criminele en niet het politieke aspect van belang was. De belangrijkste daders in strafrechtelijke zin waren de militair en politiek verantwoordelijke Serviërs. Daar komt het rapport in het kort op neer. Het onderzoek van het NIOD en natuurlijk ook de parlementaire enquête zouden een heel ander doel gehad moeten te hebben, namelijk om uit te zoeken hoe het allemaal zo heeft kunnen komen en wat de rol van de Nederlandse regering en de Nederlandse politiek in het drama is geweest.
Daarbij is het van belang vast te houden aan het uitgangspunt dat een belangrijke politieke gebeurtenis nooit uit de lucht komt vallen. Er is een voorgeschiedenis en er zijn altijd een hele reeks van voorafgaande gebeurtenissen en beslissingen, zonder welke de te onderzoeken ramp niet zou hebben plaats gevonden. Taak van de onderzoeker was om uit te zoeken welke van die gebeurtenissen in het kader van de Nederlandse politiek de meest relevante zijn geweest. Het had beoordeeld moeten worden binnen de politieke modaliteit, zoals de Nederlandse filosoof Dooyeweerd dat ooit zo helder uiteengezet heeft[1]. Oorzakelijkheid is alleen een zinnig begrip binnen een duidelijk af te palen kader, in dit geval de Nederlandse politieke besluitvorming.
Die oorzaken waren in dit geval ook helemaal niet zo moeilijk aan te wijzen. In dit geval waren de gevolgen van de Nederlandse politieke besluitvorming bij uitzondering al van tevoren goed voorspeld en gedocumenteerd.
Niet een, maar alle militaire deskundigen die zich van tevoren over het Bosnië avontuur hebben uitgelaten, hebben laten weten waar het fout ging lopen en waarom. De uitrusting deugde niet, de soldaten waren niet goed opgeleid, de bevelvoering deugde niet, de oorlogsdoelen deugden niet, de VN waren een ongeschikt gremium voor het nemen van militaire beslissingen.
De Nederlandse politieke besluitvorming is in het geval Srbrenica niet rationeel, maar emotioneel bepaald en de Kamer heeft het besluit door gedrukt. Met de hete adem van de media in de nek werd Kamerbreed de noodzaak onderschreven van een Nederlandse bijdrage aan de redding van de Bosnische moslims, terwijl het oordeel van de deskundigen was dat we het niet konden. De regering, Kok voorop, meende zich niet aan de politieke druk te kunnen onttrekken. Hij heeft dus daadwerkelijk het leven van Bosnische inwoners van de enclave Srbrenica opgeofferd aan de politieke correctheid van een aantal welwillende maar incompetente Nederlandse journalisten en partijpolitieke amateurs.
Dit gebrek aan lef en van moreel verantwoordelijkheidsgevoel is de reden waarom het fout liep. Dat had de uitkomst van het NIOD onderzoek en van de Kamerenquête moeten zijn. Maar zo geformuleerd is de kwestie eigenlijk nooit aan de orde gesteld. Interessanter vond men het om na te gaan hoe de stammenstrijd tussen de landmacht en het departement van defensie was verlopen en wie waar was op het moment suprême, toen toch niemand meer ergens iets aan kon doen.
________________________________________
[1] De Modale Structuur van het Juridische Oorzakelijkheidsverband, geschrift van de Koninklijk Nederlandse Academie van Wetenschappen

Advertisements

Over akasdorp

gepensioneerd advocaat
Dit bericht werd geplaatst in politiek. Bookmark de permalink .

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit / Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit / Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit / Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit / Bijwerken )

Verbinden met %s