Het middeleeuwse christendom.

De periode waarin het christendom Europa beheerste duurde ongeveer van het concilie van Nicea van a.D. 325 tot aan de ballingschap van de pausen naar Avignon rond 1400 a.D., ruim duizend jaar.
Wie zich in die periode verdiept komt al snel tot de ontdekking dat christendom daar niet de goede naam voor is. De cultuur, die de samenleving in die periode vorm gaf, heeft weinig tot niets te maken met de drie synoptische evangeliën en ook maar gedeeltelijk iets met het Johannes evangelie. Het positieve dat je erover zeggen kunt, is dat de kerk de drie authentieke biografieën van Jezus van Nazareth praktisch ongeschonden bewaard heeft en over die duistere jaren heen getild.
Dat middeleeuwse christendom, wat misschien het beste het Constantijnse christendom zou kunnen worden genoemd, voldeed aan geen van de voorschriften die zo fraai staan geformuleerd in de Bergrede. Het produceerde een samenleving van grote ongelijkheid en met een buitengemene hardheid t.o.v. gewone mensen.
Middeleeuwen is de betere term voor die periode, al vinden veel mensen dat het begin dan moet worden geplaatst bij de val van het West Romeinse rijk, of nog iets later, rond 600 a.D.
Constantijn heeft de veelheid van christelijke sekten die hij in zijn rijk aantrof omgebouwd tot een organisatie die parallel liep met de seculiere inrichting van het Romeinse rijk. Hij gaf het die vorm omdat het zijn bedoeling was dat die nieuwe kerk de ideologische kern van zijn rijk ging vormen. Die ideologie was veel meer Romeins dan christelijk. Waar je tijdens de middeleeuwen mensen aantrof, zoals bijvoorbeeld Franciscus van Assisi, die een terugkeer naar de normen en waarden van Jezus bepleitten, stuitte dat op grote tegenstand bij de officiële kerk. Hier in de Lage Landen was dat de moderne devotie, de beweging van Geert Groote en Thomas van Kempen. De beweging die het beroemde boek Over de Navolging van Christus heeft geproduceerd. In onze ogen een vroom boek dat weinig nieuws brengt, maar in zijn eigen tijd absoluut revolutionair.
Op enkele uitzonderingen na waren alle pausen deugnieten en was de kerk van Rome een middel om de bevolking uit te zuigen en anders niets. Prachtige kerken, fraai beeldhouwwerk en literatuur, dat wel, maar de zorg voor de mensen schoot aan alle kanten te kort.
De samenleving van tegenwoordig, zoals die na de Franse revolutie is ontstaan, heeft het mystieke en transcendente van het oude christendom losgelaten, maar staat qua ethiek veel dichter bij Jezus dan de kerk uit de middeleeuwen. Toch zal het humanisme geen duizend jaar duren. Het zal minder bestendig blijken dan het middeleeuwse christendom. Met al zijn gebreken had dat wortels in de biologisch religieuze gevoelens van de mensen en dat heeft het humanisme nu eenmaal niet. Om tegen de stormen van de tijd bestand te blijken heeft een cultuur nu eenmaal die wortels nodig.

Advertenties

Over akasdorp

gepensioneerd advocaat
Dit bericht werd geplaatst in geloof, geschiedenis. Bookmark de permalink .

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit / Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit / Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit / Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit / Bijwerken )

Verbinden met %s