Kwispelstaarten.

Twee Groningse hoogleraren economie, Brakman en Garretsen hielden in de Volkskrant van 8/1/13 een pleidooi voor grotere economische integratie van de EU, omdat ze die als noodzakelijk zagen voor het behoud van de euro. Beide hoogleraren zijn leerlingen van de NYT columnist en Nobelprijswinnaar Krugman en onder meer bekend van wege hun onderzoek naar de economische effecten van grenzen en naar de arbeidsmobiliteit in Europa.
Het belangrijkste resultaat van het eerste soort onderzoek is dat door het opheffen van grenzen grotere steden, die in de buurt van een vroegere grens liggen, een positief effect ondervinden van de uitbreiding van hun verzorgingsgebied. Voorts dat dit groei effect tijdelijk is. Van de arbeidsmobiliteit stelden ze vast dat die gering is in een Economische Unie met grote culturele verschillen en zonder gemeenschappelijke taal.
U denkt dan misschien, dat had ik ook wel zonder onderzoek kunnen bedenken, maar het is toch goed dat vastgesteld wordt dat wat je denkt ook werkelijk zo is.
Ook dat een gemeenschappelijke munt niet houdbaar is voor landen met een verschillende economische productiviteit en uiteenlopende discipline bij het beheersen van de overheidsuitgaven, lijkt mij voor de hand te liggen.
Vanaf dat moment stopte het wetenschappelijke referaat en ging het over in een politiek betoog. De twee hoogleraren wilden een verdergaande economische integratie en meer centrale controle vanuit Brussel op nationale overheden en economieën.
Wat ik persoonlijk liever had gehoord is hoe groot de kans is dat die verdere integratie er ook komt. Dat zouden ze bijvoorbeeld kunnen doen op basis van ervaringen uit het verleden. Iets als de EU maar dan met de sterke centrale leiding die zij wensen, hebben we bijvoorbeeld gehad in het Warschaupact. Het economische en politieke resultaat was de ineenstorting van de Sovjetunie en van het communistische systeem.
Praktisch zonder centrale leiding maar verder sprekend de EU was de Duitse Rijnbond. Dat was een vergaande economische samenwerking tussen autonome Duitse steden en prinsdommen waar een einde aan gekomen is door de totstandkoming van een Duits keizerrijk onder leiding van Bismarck. Daarvoor waren een Oostenrijk Pruisische en een Frans Duitse oorlog nodig en veel historici knopen ook de twee wereldoorlogen van de twintigste eeuw vast aan de Duitse eenwording onder een autocratische leiding.
Het pleidooi voor grotere politieke integratie alleen om een gemeenschappelijke munt te redden is een staart die met de hond gaat kwispelen. Daar kan geen serieus mens voorstander van zijn tenzij eerst wordt vastgesteld dat een gemeenschappelijke munt een noodzaak is voor het behoud van de economische unie of dat de nadelen van het uit de euro stappen van een aantal lidstaten groter zouden zijn dan de nadelen die het voor de zuidelijke landen heeft om vast te houden aan een munt die te sterk is voor hun economieën.
Ook zou ik onderzoek willen zien naar de waarschijnlijkheid dat het leggen van meer macht bij een centrale bureaucratie in Brussel tot een effectievere overheid en een grotere economische groei zou leiden.
Zolang het bij desiderata blijft en er op dat terrein wetenschappelijk niets lijkt vast te staan, is het een onverantwoord risico om door te gaan met een muntunie die zoveel werkloosheid en economische krimp veroorzaakt heeft als de euro. Dat geldt met name wanneer de enige manier om die munt overeind te houden is gelegen in ongewenste uitbreidingen van de bureaucratie. Als symbool van overtollig Brussels beleid kan gelden dat het voor geluidsschermen langs de autowegen in Polen heeft gezorgd op plekken waar niemand woont. Of juist op plekken waar die het zicht op de buitenwereld vanuit woonhuizen blokkeren.
Een overheid die door taal en cultuurverschillen zo ver van de mensen af staat als de Brusselse is buitengewoon onwenselijk. Er zijn beter methoden om een economische unie te runnen dan via een centrale bureaucratie.
Overigens dat er tegen de euro wordt gespeculeerd, zoals de hoogleraren suggereren is niet waar. Er wordt gespeculeerd tegen overheidsleningen van de zuidelijke landen en we hebben nu door schade en schande geleerd dat dit niet hetzelfde is als speculeren tegen de munt. Niet de verzwakking van de euro tegenover de dollar en andere geldsoorten uit het internationale betalingsverkeer, maar juist de kracht van de euro veroorzaakt de moeilijkheden in Italië, Spanje Portugal en Frankrijk.
Griekenland is een ander verhaal. Dat land heeft dringend een ander soort overheid nodig en dat krijgt het niet zonder faillissement. Dus de problemen daar zijn een soort blessing in disguise. Tenminste als Rutte zich aan zijn belofte houdt en er nu eindelijk geen cent meer naar Griekenland gaat.

Advertisements

Over akasdorp

gepensioneerd advocaat
Dit bericht werd geplaatst in europa, geld en economie. Bookmark de permalink .

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit / Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit / Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit / Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit / Bijwerken )

Verbinden met %s