Rechts.

Paul Lucardie is of was onderzoeker bij het Documentatiecentrum Nederlandse Politieke Partijen aan de Universiteit Groningen. Hij is van mening dat wie rechts is de ongelijkheid in de samenleving wil vergroten. Een rechtse extremist zoekt volgens hem de ongelijkheid in al haar consequenties. Nazi’s waren rechts extremisten. Janmaat en de zijnen gingen niet helemaal zover, maar wilden wel een voorkeursbehandeling van Nederlanders boven immigranten bij de verdeling van werk, in de zorg en bij uitkeringen.
Populistisch is voor Lucardie iemand die zich opstelt tegen de heersende politieke klasse, wanneer die klasse de band met het volk verloren heeft. Wilders is in zijn ogen rechts maar niet extreem rechts en hij is populistisch.
Lucardie is kennelijk op zoek geweest naar een bruikbaar criterium om linkse van rechtse politici te onderscheiden. In de ogen van de meesten is zijn definitie waarschijnlijk wat mager en eenzijdig. Dat is hij ook wel, maar toch beter dan het gebruik van het woord rechts voor alle politieke standpunten waar de spreker het niet mee eens is.
Links is goed en rechts is slecht is in de praktijk een nog meer gebruikte definitie. Daar komt Lucardie wel bij in de buurt maar hij gaat niet helemaal zo ver. Bij hem vindt toch nog een reële poging plaats om het begrip te definiëren, al komt hij met zijn verwijzing naar het Hitlerregime in de buurt van het demoniseren van rechts.
Wat opvalt is dat zijn definitie van rechts, net als de meeste andere, ontleend is aan de zelfdefinitie van links. Iemand met een linkse politieke overtuiging zal zich zelf bijna altijd beschouwen als iemand die de ongelijkheid in de samenleving wil verkleinen: het verkleinen van de verschillen in inkomen, kennis en macht is sinds Den Uyl het uitgangsput geweest van de gezamenlijke linkse partijen.
Rechts doet overigens hetzelfde, links spiegelen aan een zelfdefinitie van rechts. Maar rechts zet zich eerder af tegen de middelen dan tegen de doelstellingen van links. Wie zich zelf rechts vindt is tegen links, maar niet omdat hij de ongelijkheid in de samenleving wil vergroten. Ik ben zelf rechts en ken ook wel andere rechtse mensen, maar helemaal niemand die vergroting van de ongelijkheid op zijn programma heeft staan. Je bent tegen links omdat je niet gelooft in de maakbaarheid van de samenleving en iedere poging daartoe ziet uitlopen op onverwachte en ongewilde gevolgen. Voor het overige hebben rechtse mensen heel uiteenlopende ideeën over de samenleving.
Margaret Thatcher, de Britse Prime Minister, was ideologisch rechts. Zij geloofde op morele gronden in een vrije markt. Deng Xiao Ping daarentegen, die de markteconomie in China geïntroduceerd heeft, was volkomen pragmatisch: of een kat wit is of zwart maakte in zijn ogen niet uit, zolang ze maar muizen ving. Beide politici waren rechts, maar hadden heel uiteenlopende opvattingen over een ideale samenleving. Thatcher leek op Deng in de gekozen middelen maar eerder op Mao wat de onwankelbaarheid van haar overtuigingen betreft. Men zou Deng ook rechts kunnen noemen vanwege zijn ingrijpen tegen de studenten op het Plein van de Hemelse Vrede. Wie dat doet definieert iemand als links omdat hij de mensenrechten boven alles stelt. Lucardie doet dat niet en dat is begrijpelijk. Het merendeel van de mensen in de Nederlandse politiek die hij als rechts zou willen kwalificeren is voor het handhaven de mensenrechten, al staat iedereen daarbij wel een eigen rangorde voor ogen. De een hecht meer aan de vrijheid van meningsuiting en de ander aan de vrijheid van godsdienst.
Het is zeker niet zo dat je aan iemands gehechtheid aan de mensenrechten zien kunt tot welke partij hij hoort. Wat dat betreft is de definitie van Lucardie bruikbaarder, vooral als je hem omkeert. Wie gelijkheid wil als belangrijkste politieke doelstelling is bijna altijd links. Wie tegen links is, is rechts. Maar rechts is verder tamelijk ondefinieerbaar. Rechts was ooit een plek in de Franse constituante. Dat gebouw zag eruit als een collegezaal. Wie aan de rechterhand van de voorzitter zat was rechts en toevallig ook conservatief en wie links zat was progressief. Was je extreem links dan zat je boven aan en heette je Montagnard. In Nederland zaten ooit de liberalen links en de confessionelen rechts. De begrippen links en recht waren in eerste aanleg inhoudsloos en hebben sindsdien van inhoud nogal gevarieerd. Zelfs het begrip gelijkheid van de Franse revolutie is niet meer het begrip gelijkheid van tegenwoordig.
Progressief en conservatief zouden waarschijnlijk beter hanteerbare begrippen zijn dan links en rechts. Die begrippen zijn van alle tijden. Om progressief als het centrale begrip in de politiek te beschouwen is niet zo vreemd, want in de door Lucardie bedoelde linkse zin is Nederland sinds de tweede wereldoorlog steeds progressief geweest. Dat betekent niet dat de progressieve partijen altijd aan de macht waren, maar dat hun overtuigingen het politieke ethos vormden en hun ideeën het politieke discours beheersten. Lucardie vindt Wilders rechts, in de zin van anti-links, maar niet extreem rechts. Extreem rechts waren in zijn ogen de nazi’s en de aanhangers van de Centrumpartij.
De nazi’s zijn vanaf hun ontstaan in de twintiger jaren van de vorige eeuw het ijkpunt geweest van de linkse politiek. Maar er zijn maar weinig mensen die conservatief waren en tegelijk fervente aanhangers van Hitler. Het is duidelijk dat Lucardie de opvattingen van Hitler of zelfs die van Janmaat nooit serieus heeft bestudeerd. Hij gaat af op wat er in de publieke opinie over beiden wordt gedacht en dat is niet veel. De afschuw voor Hitler is algemeen en dat is niet onbegrijpelijk. Het heeft weinig gescheeld of Hitler had de tweede wereldoorlog gewonnen en dat had dan een Umwertung aller Werte ten gevolge gehad.
Het is jammer dat politici als Aantjes en Den Uijl, die in hun jonge jaren met het gedachtegoed van de nazi’s gesympathiseerd hebben, daar later nooit indringend over geïnterviewd zijn. Maar de socioloog J.A.A. van Doorn, heeft in het laatste jaar voor zijn overlijden een studie gepubliceerd waaruit blijkt dat men Hitler beter als links dan als rechts typeren kan. De afstand tussen nationaal socialisten en andere socialisten is altijd veel kleiner geweest dan na de oorlog algemeen werd aangenomen. En niet alleen de binnenlandse politiek van de nazi’s had socialistische trekken. Erg veel Duitsers zijn zonder veel moeite overgestapt van communistische en socialistische partijen naar de nazi’s. Na de oorlog zijn ze in de DDR ook weer even gemakkelijk de andere kant op gegaan.
Het was Stalin die met Hitler een non-agressie pact sloot met een aantal geheime samenwerkingsprotocollen. Die leidden onder meer tot een gemeenschappelijke aanval op Polen. Hitler en Stalin leken meer op elkaar en hadden meer persoonlijke invloed op de regimes in hun landen dan alle andere politieke leiders uit die tijd, behalve Mao. Wel steunde Hitler in de Spaanse burgeroorlog Franco en die was ontegenzeggelijk rechts. Overal in de westerse samenleving steunde links de republikeinen en rechts Franco. Links en rechts verdelen langs die lijn is misschien helemaal zo gek niet, maar dan moet men aan de linker zijde er rekening mee houden dat George Orwell, een van de aardigste en integerste mensen uit de eerste helft van de twintigste eeuw in Spanje is bekeerd van zijn socialistische geloof en dat zijn beroemde boeken Animal Farm en 1984 tegen de communisten waren gericht en niet tegen Hitler.

Advertenties

Over akasdorp

gepensioneerd advocaat
Dit bericht werd geplaatst in politiek, wetenschap en filosofie. Bookmark de permalink .

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit / Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit / Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit / Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit / Bijwerken )

Verbinden met %s