Asielbeleid in Giessendam

Naar aanleiding van het Kamerdebat van 18 april 2012 is het wenselijk om nog eens terug te komen op een artikeltje dat even eerder in de NRC [1] stond. Daarin stelde de redactie van die krant dat minister Leers en Mevrouw Boot, de burgemeester van Giessenlanden, beiden gelijk hadden in een zaak van de uitzetting van een vreemdeling. De minister beslist over wie er uitgezet moest worden, vond de krant en de burgemeester mocht de vreemdelingenpolitie opdracht geven om dat ministeriële bevel naast zich neer te leggen, als ze meende dat de uitvoering tot onrust zou kunnen leiden in haar gemeente. Orde in de gemeente was immers de verantwoordelijkheid van de burgemeester. Hier was volgens de krant sprake van een onoplosbaar dilemma. Minister en burgemeester moesten maar samen aan tafel om het op te lossen.
Niet heus natuurlijk. De burgemeester hoort de orde te handhaven in haar gemeente, maar wel binnen het kader van de wet. En die wet zegt nu eenmaal dat de minister over de vreemdelingenpolitie gaat en over uitzettingen. De burgemeester handhaaft in zulke gevallen de orde door haar medewerking te geven aan de minister. De redacteur van de NRC en de veertig burgemeesters die zich openlijk met hun collega van Giessenlanden solidair verklaard hebben zijn alle een en veertig even in de war. Maar het is bepaald geen toeval dat de NRC het met die veertig burgemeesters eens was. Als het om vreemdelingenzaken gaat lijkt links Nederland compleet van God los. Dat bleek weer eens bij het Kamerdebat over die Rus die zelfmoord gepleegd had in zijn cel.
Het is beslist geen toeval dat het asiel- en uitzettingsbeleid in dit land zo slecht geregeld is dat het mogelijk is dat een vreemdeling die beroep heeft aangetekend heeft tegen zijn afwijzing hier in vreemdelingen detentie komt en daar vervolgens zelfmoord pleegt. De ambtenaren die hiervoor verantwoordelijk zijn, zijn in grote meerderheid progressief van politieke achtergrond. VVD’ers vindt men in die kringen weinig. En die ambtenaren doen hun werk slecht. Men wil kennelijk het onderwerp niet goed regelen, omdat men het te onaangenaam vindt. En als men er over praat, wil men de waarheid niet onder ogen zien. Dat bleek in het debat waarin Teeven steun kreeg van twee derden van de Kamer maar de NRC en andere progressieve media toch meenden dat hij daardoor aangeschoten wild was geworden. Ik vond dat een bizarre conclusie. Teeven kwam met opgeheven hoofd uit het debat en wie wat sip keken waren de mensen die tegen hun zin voor hem hadden gestemd en een mevrouw die een motie had ingediend en daarvoor nul stemmen kreeg. Dat is nog nooit eerder voorgekomen, meen ik.
Het uitzetten waar de burgemeester van Giessendam zo veel bezwaar tegen had, had betrekking op een lid van een groep Afghaanse vluchtelingen die uit hun land vertrokken waren omdat ze daar van oorlogsmisdaden of misdrijven tegen de menselijkheid werden verdacht. In een langdurige asielprocedure was vast komen te staan dat het aannemelijk was dat een gegronde verdenking in Afghanistan de reden was voor de vlucht naar Nederland. Mensen die om dit soort redenen vluchten komen hier niet in aanmerking voor asiel. Dat lijkt een redelijke beleidsstandpunt. Het ging er hier niet om of tegen de man bewijs voor handen was in strafrechtelijke zin. Dat kan alleen al daarom niet, omdat er geen Nederlands strafrechtelijk onderzoek is geweest en geen strafprocedure hier of in Afghanistan. Waarom mensen toch meenden dat dergelijk bewijs wel voorhanden had moeten zijn is niet helemaal duidelijk. De man voldeed niet aan de criteria voor asiel, dat vond de rechter voldoende en daarin had hij gelijk.
Waarom sommige burgemeesters en media vinden dat zo’n man dan toch asiel moet krijgen vanwege zijn zieke vrouw, is opnieuw onduidelijk. Tijd om beter te worden wanneer iemand een acute aanval heeft of midden in een behandeling, dat is redelijk. Maar asiel om gezondheidsredenen kennen we verder niet. Het is waarschijnlijk weer net zo iets als met Mauro. Niet de redelijkheid en het recht maar het sentiment en de hype geven bij dit soort politici en dit soort media de doorslag.
Sander van Walsum schreef onder de titel Lokaal Mededogen in de Volkskrant van 3/4/12 over de opstand van de burgemeesters, waar ik het net over had. De veertig LOGO- burgemeesters hadden een gezamenlijk verklaring uitgegeven waarin ze beweerden dat zij in dit soort aangelegenheden niet ondergeschikt zijn aan de minister, maar dat beide autoriteiten nevengeschikt zijn. De Volkskrant nam dat betoog zonder commentaar over, maar Van Walsum nam er op 3/4/12 gelukkig afstand van.
Terecht zei hij toen dat een minister die een opdracht geeft aan de politie binnen het kader van zijn bevoegdheden daar niet door een burgemeester in gehinderd kan worden. Althans, vond Van Walsum, niet op grond van zoiets vaags als het begrip openbare orde.
Op zijn polders vond Van Walsum verder dat de twee partijen, te weten het departement en de burgemeesters, niet zo moeilijk moeten doen en er in onderling overleg uit hoorden te komen. De minister hoorde daarbij een ruimhartig gebruik te maken van zijn bevoegdheid om in schrijnende gevallen over zijn hart te strijken.
Ik meen dat die conclusie van Van Walsum in strijd komt met een aantal rechtsregels. Met die uit ons staatsrecht, dat een hiërarchie kent tussen hogere en lagere overheden. Met ons ambtenarenrecht waarin verplichtingen van burgemeesters en andere bestuursambtenaren tegenover hun werkgever zijn geregeld en last but not least met het wetboek van strafrecht, meer in het bijzonder met de art. 367 Sr.[2]
De burgemeester in kwestie had buiten de publiciteit horen te blijven en namens haar inwoners een beroep kunnen doen bij de minister op de hardheidsclausule, die hij in dit soort gevallen kan laten gelden. In plaats daarvan koos zij voor ambtelijke ongehoorzaamheid. Ik ben geen minister en hoef geen rekening te houden met de politieke gevolgen van een optreden tegen de burgemeesters. Dus misschien zou ik het wel net zo doen als ik in de positie van Leers verkeerde, dat weet ik niet. Maar als burger van dit land zou ik het hebben toegejuicht als deze Mevrouw Boot zou zijn vervolgd en uit haar functie gezet. Voor de LOGO burgemeesters zou een ernstige waarschuwing op haar plaats zijn geweest. Zij speelden in hun opstandigheid met vuur.

[1] van 2/4/12

[2] Artikel 367 1. De ambtenaar die, belast met de bewaking van iemand die op openbaar gezag of krachtens rechterlijke uitspraak of beschikking van de vrijheid is beroofd, hem opzettelijk laat ontsnappen of bevrijdt of bij zijn bevrijding of zelfbevrijding behulpzaam is, wordt gestraft met gevangenisstraf van ten hoogste drie jaren of geldboete van de vierde categorie. 2. Indien de ontsnapping, bevrijding of zelfbevrijding aan zijn schuld te wijten is, wordt hij gestraft met hechtenis van ten hoogste twee maanden of geldboete van de tweede categorie.

Advertenties

Over akasdorp

gepensioneerd advocaat
Dit bericht werd geplaatst in Nederland, onzin, overheid. Bookmark de permalink .

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit / Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit / Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit / Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit / Bijwerken )

Verbinden met %s