Grote kantoren.

In mijn studietijd telden de grootste Nederlandse advocatenkantoren misschien vijftien man. Man letterlijk te nemen hier, want juffrouw Suyling, ooit mijn compagnon, was als vrouwelijke advocate nog een grote uitzondering. En vijftien is misschien ook al aan de hoge kant. Stibbe, op het Rokin, dat toen als een groot kantoor gold, telde er ook na de fusie met Van Dijk minder dan vijftien, als ik mij dat goed herinner en het werd pas groter na de fusie met Blaisse.
Die groei is er pas in de zeventiger jaren goed ingekomen, onder de invloed van de mega Angelsaksische kantoren waar iedereen veel zaken mee deed. Die hielden niet van die kleintjes en wenden zich in plaats van tot advocaten daarom vaak tot belastingadviseurs en accountants. Belastingadviseurs hielden ze in Amerika trouwens voor een gespecialiseerde vorm van advocaten, een soort sollicitors. Dat er in Nederland vrijwel nooit geprocedeerd werd indertijd vonden de Amerikanen een bonus, want procedures zijn duur en leveren naar verhouding weinig op.
Ik ben mijn carrière begonnen als internationaal belastingjurist en heb vanaf de tweede helft van de zestiger jaren in de internationale praktijk gezeten. Kantoren als Sullivan & Cromwell, Cravath, Shearman & Sterling, Cleary Gottlieb Steen & Hamilton of Engelse kantoren als Linklaters, Freshfields en Slaughter and May kwam je toen overal tegen. Begin tachtiger jaren ben ik overgestapt naar de advocatuur, min of meer in dezelfde tijd dat grote advocatenkantoren het soort werk dat ik altijd gedaan had ook begonnen te doen.
Eigenlijk had ik de overstap gemaakt omdat de fiscaliteit me wat begon te vervelen en ik er vanuit ging dat het internationale corporatieve recht op een advocatenkantoor ook wel zonder fiscaliteit kon. Daar had ik me op verkeken. Mijn Angelsaksische relaties vonden het prima dat ik verkaste, want nu konden ze ook het andere advocatuurlijke werk aan me kwijt, maar in mijn nieuwe kantoor werd ik prompt aan het opzetten van een fiscaal-corporatieve afdeling gezet. Gewoon weer terug in het werk dat ik altijd al had gedaan, maar ik mocht er nu de Frans- en Duitssprekende landen bij gaan doen.
Verveeld heb ik me dus niet, druk genoeg, maar toch vooral met het werk dat ik altijd al had gedaan. Alleen was mijn afdeling groter dan een heel kantoor in de tijd dat ik met dat werk begon.

Advertenties

Over akasdorp

gepensioneerd advocaat
Dit bericht werd geplaatst in herinneringen, Organisaties, recht. Bookmark de permalink .

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit / Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit / Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit / Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit / Bijwerken )

Verbinden met %s