De tweede strafvervolging van Wilders.

Toen het Tweede Kamerlid Wilders tijdens een politieke bijeenkomst aan zijn aanhang vroeg of die meer of minder Marokkanen wilde in Nederland, riep men in koor: ‘minder, minder’. ‘Goed’, zei Wilders, ‘dan ga we daar voor zorgen’.

In reactie daarop kwam heel progressief Nederland in beweging en werd iedereen door de media opgeroepen aangifte wegens haatzaaien en groepsbelediging te doen tegen Wilders. Er lagen bij de politiebureaus voorgedrukte aangifte formulieren klaar die hysterische Nederlanders alleen maar hoefden te ondertekenen. Van die gelegenheid is onder andere gebruik gemaakt door het college van burgemeester en wethouders van Nijmegen. Het college ging daar collectief voor naar het politiebureau en ze riepen iedereen op om zich bij hen aan te sluiten. Burgemeester Bruls zei bij die gelegenheid: “We doen dit bewust op deze manier om namens de Nijmeegse samenleving een signaal af te geven dat hier grenzen ver zijn overschreden. Wat mij betreft is iedereen welkom om met ons mee te lopen en ook aangifte te doen.”

Op het hoogste niveau van het Nederlandse Openbaar Ministerie is toen besloten tot strafvervolging over te gaan.

Het lijkt me duidelijk dat er hier sprake is geweest van haatzaaien van de kant van dit college en van al die anderen die aan de progressieve oproep gevolg hebben gegeven om een strafaangifte te doen tegen Wilders. Gegeven ook de fysieke bedreigingen waaronder Wilders al jaren leven moet, is het haatzaaien hier niet symbolisch op te vatten, maar brachten Bruls c.s. daadwerkelijk het Kamerlid in levensgevaar.

Wilders voorganger Janmaat, die in de tachtiger jaren van leer trok tegen de in zijn ogen toen al buitensporige omvang van de immigratie werd niet alleen verschillende keren strafrechtelijk vervolgd en veroordeeld wegens het aanzetten tot rassenhaat en discriminatie, maar heeft samen met zijn partner een fysieke aanslag ter nauwer nood overleefd.

De officier van Justitie stelde in haar requisitoir bij een van die strafvervolgingen dat de gematigde leuzen van Janmaat, als bijvoorbeeld ‘Nederland is vol’ eigenlijk nog erger waren dan openlijk racisme. “Een versluierende tekst zal door een grotere groep overgenomen worden zonder dat men zich realiseert wat men eigenlijk zegt. Het enge gedachtegoed zal daardoor mogelijk makkelijker ingang vinden.”[1]

Voor een redelijk mens kan er weinig twijfel over bestaan dat Wilders, net als Janmaat indertijd, binnen de grenzen van zijn politieke rechten bleef door in het openbaar te pleiten voor een vermindering van de Marokkaanse immigratie naar Nederland en vooral voor het uitzetten van veroordeelde criminelen met een Marokkaans paspoort. Ook wie het met die opvattingen niet in alle opzichten eens is hoort de barricaden op te gaan voor het recht van Wilders om zijn afwijkende mening te uiten.

Het was een vergissing van die officier in de Janmaat zaak dat vrijheid van meningsuiting alleen maar het recht is om te zeggen wat zij goedkeurt. Mensen mogen dingen zeggen die oude juffrouwen eng vinden, zolang ze maar niet oproepen tot geweld of mensen tot in het diepst van hun ziel beledigen.

Een politicus mag pleiten voor een verandering van het immigratiebeleid en helemaal als dat onderdeel is van het politieke programma waarop hij gekozen is, zolang zijn partij niet is verboden. Noch Janmaat, noch Wilders hebben ooit opgeroepen tot het gebruik van geweld tegen allochtonen of geprobeerd immigranten op een andere manier het leven hier onmogelijk te maken. Het enige wat ze eigenlijk zeiden was dat er te veel allochtonen zijn en dat hun massale en groeiende aanwezigheid geen goede vooruitzichten biedt voor een vreedzame ontwikkeling van de  Nederlandse en Europese samenleving.

Het besluit van het openbaar ministerie om Wilders te vervolgen moet in dit verband als een schending van het Nederlandse recht worden beschouwd.

Een urgente vraag lijkt mij nu te zijn: kan daar iets aan worden gedaan? Kan een Procureur Generaal die de vervolging had horen tegen te houden en dat niet heeft gedaan nu zelf vervolgd worden?

Kunnen al die  burgemeesters en andere bekleders van hoge ambten op het matje worden geroepen omdat ze moedwillig iemands leven in gevaar hebben gebracht en hem in zijn politieke rechten hebben willen beperken?

Ik ben bang van niet. Als een heel systeem ziek is, zoals de laatste decennia Nederland als geheel door het progressieve virus lijkt te zijn aangestoken, dan rest er weinig anders dan te wachten tot een meerderheid van de Nederlandse kiezers stelling kiest tegen deze misstand. In dat verband zou een tweede strafvervolging van Wilders waarschijnlijk positief kunnen werken. Hij is welsprekend genoeg om duidelijk te maken dat dit misbruik van het recht door zijn politieke tegenstanders een aanslag is op de democratie en dat de Nederlandse kiezer die niet onbestraft hoort te laten.

[1] Meindert Fennema, Geldt de vrijheid van meningsuiting ook voor racisten, H.J. Schoo-lezing, 1 september 2009. blz. 8

Over akasdorp

gepensioneerd advocaat
Dit bericht werd geplaatst in discriminatie en bureaucratie, ethiek, maatschappelijk. Bookmark de permalink .

4 reacties op De tweede strafvervolging van Wilders.

  1. siemx zegt:

    Ik vrees dat binnenkort de hele Nederlandse bevolking monddood wordt gemaakt vooral op sociale media. Ik vrees de reacties op het rapport van de VN commissie Mensenrechten dat vanmiddag uitkomt. De Marokkanen staan nu al te janken, terwijl ze hun al dan niet vermeende discriminatie vnl. aan zichzelf te wijten hebben. Gevalletje omdraaiing dader/slachtofferrol.

  2. Heeft nog niemand aangifte gedaan tegen burgemeester Bruls. Als er sprake is van haatzaaien, dan lijkt me aangifte bij de politie de juiste weg. Ook al zou dat tot niets leiden, dan nog moet je het doen. Heeft Wilders zelf nog geen aangifte gedaan?

Reacties zijn gesloten.