De wetenschap in Nederland III.

Remieg Aerts, dat is Limburgs, zowel voornaam als achternaam. Limburgs in het  kwadraat als het ware. Hij is professor aan de katholieke Radboud universiteit in Nijmegen.

Vandaag[1] protesteert hij in de Volkskrant tegen de uitslag van de visitatiebezoeken van een commissie van de NVAO, de Nederlands-Vlaamse Accreditatieorganisatie. DE NVAO is een joint venture tussen Nederland en Vlaanderen, waar U, als U Uw best doet,  alles over vinden kunt op het internet onder http://www.nvao.net/

Wat opvalt als U het ingezonden stuk van Aerts leest is dat hij wel protesteert tegen het resultaat van de visitatie, maar daar geen feitelijke argumenten voor aandraagt. Eigenlijk is zijn protest niet meer dan een beschaafde manier van schelden. De commissie heeft haar best gedaan om haar onderzoeksverslagen[2] zo toetsbaar mogelijk te formuleren en het zou Aerts dus moeten lukken om aan de hand van zo’n verslag punt voor punt te weerleggen wat hij onjuist vindt aan het oordeel van de commissie.  Dat had hij misschien eerst moeten doen voor hij zijn boze stukje stuurde naar de krant.

Op dezelfde pagina van de krant delen een aantal andere geleerden, waaronder James Kennedy, zijn bezwaren tegen de negatieve beoordeling van het Nederlandse hoger onderwijs. Ook dat protest is niet erg overtuigend maar wel beargumenteerd, dit keer.

Zij vinden dat de commissie te veel op de procedures let die de universiteiten hanteren ter controle van hun kwaliteit en te weinig op de inhoud van de wetenschappelijke producties en de kwaliteit van het onderwijs. Dat die kwaliteit goed is weten ze zeker, want hun beleefde buitenlandse collega’s, die maar zelden Nederlands verstaan of lezen, zijn heel tevreden over de Nederlandse geesteswetenschappen.

Ze bedoelen verder, geloof ik, dat de commissie steekproefsgewijze scripties had moeten lezen en colleges had moeten bijwonen, om aan de hand daarvan kwaliteitsoordelen te formuleren. Als ze dat gedaan hadden had de Radboudstichting waarschijnlijk een Leidse hoogleraar mathematische statistiek ingehuurd om aan te tonen dat de steekproef niet deugde of dat de bewerking statistisch niet door de beugel kon. Verder had iedereen dan  kunnen beweren dat het gemiddeld dan wel niet zo best kon zijn maar dat zijn instituut nu juist wel aan alle normen voldeed.

De commissie heeft het toetsbaar gemaakt door er van uit te gaan dat het onderwijs onder de maat is, zoals onder andere de commissie Dijsselbloem een paar jaar geleden in een goed rapport heeft aangetoond. Vervolgens heeft zij redenen gegeven voor het kwaliteitsgebrek. Er zijn domweg geen geschikte procedures om de kwaliteit te bewaken. Niet voldoende hoge toelatingseisen bijvoorbeeld en geen controle  op de kwaliteit van de wetenschappelijke productie en van de examens. Dan hoort niemand zich te verbazen dat gemiddeld die kwaliteit tekort schiet en dan wordt een duidelijke richting aangegeven hoe zij verbeterd kan worden.

De visitatie procedure bevindt zich nog in een pilot fase en niet alle wetenschappen zijn nog onderzocht. Men heeft de bètawetenschappen vooralsnog buiten beschouwing gelaten. Dat lijkt mij zinnig omdat daar al een soort ingebouwde kwaliteitsbewaking bestaat. Die wetenschappen stellen wel toelatingseisen en wie daar niet aan zou voldoen komt nooit door zijn eerste jaar. Waarschijnlijk kan het daar trouwens ook wel beter en vooral efficiënter, maar dat lijkt minder dringend dan de kwaliteitstoets bij de geesteswetenschappen, waaronder in de eerste plaats de agogische. Bij die laatste lijkt het niveau niet boven dat van een gemiddelde Havo opleiding uit te komen, hetgeen wil zeggen dat de wetenschappelijke  toegevoegde waarde nul of negatief is. Men moet aan de andere kant niet alle geesteswetenschappen over een kam scheren. Klassieke talen en Chinees hebben een zelfde ingebouwde kwaliteitsbewaking als de bèta vakken. Als je daarbij niet boven een zeker minimum niveau zit aan kennis en aanleg, dan kun je het helemaal niet. Dat geldt zeker ook voor algemene taalwetenschap of muziekwetenschap, maar weer niet voor filosofie of geschiedenis.

De commissie heeft zich beperkt tot drie standaarden, waaraan is getoetst. Kennedy c.s. vragen zich af of drie wel voldoende is en of de uitslag dan betrouwbaar kan zijn. Ze menen dat aan de hand van de resultaten van de pilot nog maar eens naar de methodiek van de commissie moet worden gekeken. Dat zal ook zeker gebeuren, want daarvoor is het een pilot. Maar dat neemt niet weg dat het hoger onderwijs in Nederland niet deugt en dat dit geweten kan worden aan  de gebrekkige procedures die in acht worden genomen om de kwaliteit ervan te bewaken. Dat is nu bij de visitatie komen vast te staan en in plaats van daar tegen te protesteren zouden de geesteswetenschapper er beter aan doen met zijn allen te gaan bedenken hoe het beter kan. Op het internet zijn daarvoor voldoende suggesties te vinden.

[1]26/6/`14

[2] i.e. uitslag van de visitatiebezoeken

Over akasdorp

gepensioneerd advocaat
Dit bericht werd geplaatst in maatschappelijk, Nederland, wetenschap en filosofie. Bookmark de permalink .